7. Open het dialoogvenster Speed & Progress opnieuw om te
controleren of DMA-overdracht nu is ingeschakeld.
Opmerking:
Op sommige computers kan DMA-overdracht niet worden gebruikt, ook
al hebt u de bovenstaande stappen uitgevoerd. Neem contact op met de
fabrikant van uw computer voor informatie over de mogelijkheid voor
DMA-overdracht van uw computer.
Poortconfiguratie (alleen Windows NT 4.0)
Opmerking:
Poortinstellingen voor Windows NT 4.0 zijn zeer gecompliceerd en
dienen alleen te worden uitgevoerd door een ervaren gebruiker met
beheerdersrechten.
Als uw computer een parallelle poort heeft die de modus ECP
ondersteunt, kunt u in het dialoogvenster Poortconfiguratie
bepaalde instellingen opgeven voor de afdruksnelheid.
Controleer voordat u deze opties instelt of de modus ECP is
ingeschakeld in uw computerinstellingen. Raadpleeg uw
computerhandleiding voor meer informatie over de modus ECP.
Voer de onderstaande stappen uit om het dialoogvenster
Poortconfiguratie te openen.
1. Dubbelklik op het pictogram Deze computer (My
Computer) en dubbelklik vervolgens op het pictogram
Printers.
132