MAN-ANH-P9R-DU.fm Page 48 Tuesday, June 11, 2002 9:01 AM
Audio-instellingen
Gebruiken van het subwoofer uitgangssignaal
Dit toestel is uitgerust met een subwoofer uitgangssignaal dat kan worden in- of
uitgeschakeld. Wanneer u een subwoofer heeft aangesloten op de achter-uitgang van
dit toestel, dient u eerst de instelling voor de achter-uitgang naar subwoofer over te
schakelen en vervolgens het uitgangssignaal voor de subwoofer in te schakelen.
Raadpleeg "Instellen van de achter-uitgang" op blz. 50 voor meer details.
1 Druk op AUDIO en NEXT en vervolgens op SW1 om de uitgangsfunctie voor de
subwoofer te selecteren.
2 Druk op SW1 om het uitgangssignaal voor de subwoofer in te schakelen.
"SUB. W ON" zal op het display verschijnen.
• Druk nog een op SW1 om het uitgangssignaal voor de subwoofer uit te schakelen.
Aanpassen van de subwoofer instellingen
Wanneer het uitgangssignaal voor de subwoofer is ingeschakeld, kunt u ook de
drempelfrequentie en het uitgangsniveau van de subwoofer instellen.
1. Druk op AUDIO en NEXT en vervolgens op SW2 om de instelfunctie voor de
subwoofer te selecteren.
Wanneer de subwooferuitgang is ingeschakeld, kunt u "SW2" selecteren.
2. Druk op 4 of 6 om de drempelfrequentie als volgt te kunnen selecteren.
Met elke druk op 4 or 6 zullen de drempelfrequenties als volgt kunnen worden
geselecteerd:
50 – 80 – 125 (Hz)
3. Druk op 8 of 2 om het uitgangsniveau van de subwoofer in te stellen.
Met elke druk op 8 of 2 zal het niveau van de subwoofer worden verhoogd,
respectievelijk verlaagd.
• Een waarde tussen "+6" – "–6" zal op het display worden getoond terwijl u het
uitgangsniveau verhoogt of verlaagt.
Opmerking
• "SW2" zal niet op het display verschijnen wanneer het uitgangssignaal voor de subwoofer
niet via de betreffende functie (SW1) is ingeschakeld. In een dergelijk geval zal deze functie
niet functioneren.
Instellen van het niveau van de signaalbron
SLA (Source Level Adjustment) stelt u in staat het volumeniveau van de diverse
signaalbronnen apart in te stellen om te voorkomen dat het volume plotseling
verandert wanneer u naar een andere signaalbron overschakelt.
• De instellingen zijn gebaseerd op het volumeniveau van de FM tuner, hetwelk dus
onveranderd zal blijven.
1 Vergelijk het volumeniveau van de FM tuner met dat van de signaalbron die u
wilt aanpassen (bijv. de ingebouwde CD-speler).
2 Druk op AUDIO en vervolgens twee keer op NEXT.
3 Druk op SLA om de instelfunctie voor het niveau van de signaalbron te
selecteren.
4 Druk op 8 of 2 om het volume van de signaalbron aan te passen.
Met elke druk op 8 of 2 zal het volume van de signaalbron toe- of afnemen. Een
waarde tussen "+4" – "–4" zal op het display verschijnen terwijl het volume van de
signaalbron wordt verhoogd of verlaagd.
Opmerkingen
• Aangezien het volume van de FM tuner het ijkingspunt is, kunt u het volumeniveau van de
FM tuner zelf niet aanpassen.
• Het volumeniveau van de MW/LW (MG/LG) tuner als signaalbron kan echter wel worden
aangepast.
• De ingebouwde CD-speler en een eventuele Multi CD-speler zullen beide automatisch op
dezelfde instelling voor het volumeniveau worden gezet.
• Extern apparaat 1 en 2 worden automatisch op het zelfde volumensniveau ingesteld.
Instellen van de Sound Focus equalizer
De weergave zal beter en natuurgetrouwer zijn wanneer het geluidsbeeld van de zang
en instrumenten wordt verhelderd.
Als u daarbij de juiste luisterplaats kiest, zult u nog meer van de weergave van uw
muziek kunnen genieten.
• "FRT1" versterkt de hoge tonen van de weergave voor en de lage tonen van de
weergave achter.
• "FRT2" versterkt de hoge en lage tonen van de weergave voor en de lage tonen van
de weergave achter. (De lage tonen versterking is voor en achter hetzelfde.)
Met zowel "FRT1" als "FRT2" krijgt u met de H instelling een sterker effect dan in
vergelijking met de L instelling.
1 Druk op AUDIO en NEXT en vervolgens op POSI.
FRT1-H (voor 1-sterk) – FRT1-L (voor 1-zwak) – FRT2-H (voor 2-sterk) – FRT2-L
(voor 2-zwak) – CUSTM (gebruikersinstelling) – OFF (uitgeschakeld)
2 Druk op 4 of 6 en selecteer de gewenste positie.
Druk op 4 of 6 tot de gewenste positie op het display verschijnt.
LEFT (links) – CENTER (midden) – RIGHT (rechts)
Opmerking
• Met "CUSTM" kan een" POSI" functie worden vastgelegd waarmee u tevens de lage en
hoge tonen naar uw voorkeur kunt instellen.
48