MONTAGE VAN DE DEUR
Om de deur te monteren moeten de deurpinnen in de gaten van de beugel gestoken worden, aanwezig op de structuur.
Nadat de deur is gemonteerd de hendel omhoog doen zodat de deur geblokkeerd blijft.
5.11 AANSLUITING EXTERNE THERMOSTAAT
De kachel is reeds werkzaam via een thermostaatsonde die zich binnenin de kachel zelf bevindt. Als u dat wenst kan de kachel
op een externe omgevingsthermostaat aangesloten worden. Deze handeling moet door een geautoriseerd technicus uitgevoerd
worden.
De kabels die van de externe thermostaat komen met de klem "Term opt" op de kaart aansluiten, aanwezig op de kachel. De
externe thermostaat zoals volgt activeren (fabrieksinstelling OFF):
• Op de "menutoets" drukken.
• Met de pijltjes scrollen tot bij "Selectie".
• Op "menu" drukken.
• Opnieuw met de pijltjes scrollen tot bij "Ext.Thermostaat".
• Op "menu" drukken.
• Op de toetsen - + drukken.
• Om de externe thermostaat te activeren "On" kiezen.
• Op de "menutoets" drukken om te bevestigen.
5.12 ELEKTRISCHE AANSLUITING
Belangrijk: het apparaat moet door een geautoriseerd technicus geïnstalleerd worden!
• De elektrische aansluiting vindt plaats met een kabel met stekker op een elektrisch stopcontact dat geschikt is om de lading en
de specifieke spanning van ieder afzonderlijk model te verdragen, zoals aangeduid wordt in de tabel met technische gegevens
(zie KENMERKEN a pag. 42).
• De stekker moet gemakkelijk toegankelijk zijn wanneer het apparaat geïnstalleerd is.
• Controleer bovendien of het elektriciteitsnet over een doeltreffende aardverbinding beschikt: als die niet aanwezig of niet
efficiënt is, zorg dan voor een aardverbinding in overeenstemming met de wettelijke voorschriften.
• Sluit de voedingskabel eerst op de achterkant van de kachel aan (zie Fig. 54) en daarna op een elektrisch wandstopcontact.
• De O/I-hoofdschakelaar (zie Fig. 54) mag alleen geactiveerd worden om de kachel in te schakelen. Het is raadzaam de ho-
ofdschakelaar in alle andere gevallen uitgeschakeld te laten.
• Gebruik geen verlengsnoer.
• Als de voedingskabel beschadigd is, moet deze door een geautoriseerd technicus vervangen worden.
• Wanneer de kachel gedurende lange tijd niet gebruikt zal worden, is het raadzaam de stekker uit het elektrische wandstopcon-
tact te halen.
5.13 AFSTELLING KACHEL EN METING ONDERDRUK
Deze kachel is voorzien van een opnamepunt op de voorraadbak om de onderdruk in de verbrandingskamer te kunnen meten en
om de correcte werking ervan te controleren.
Handel als volgt om dit uit te voeren:
• Schroef moer "D" los die zich op de achterkant van de kachel bevindt en sluit met behulp van een leidinkje een digitale
26
SFERA3 - PRINCE3 - GLOBE AT - SFERA3 PLUS - SIRE3 PLUS - DOGE3 PLUS - PRINCE3 PLUS - ELISE3 PLUS - VEGA AT - TREND AT - VENUS3 PLUS - JOY AT
Fig. 54 - Elektrisch stopcontact met hoofdschakelaar