18
|
Elektrische installatie
Uitgebreide handleiding voor de installateur en de gebruiker
74
De bedrading van de voeding en van de transmissie moeten afzonderlijk worden
gehouden. Beide bedradingen moeten ALTIJD op minstens 50 mm van elkaar
worden gehouden om eventuele elektrische storingen te voorkomen.
OPMERKING
Zorg ervoor dat de voedingskabel en de transmissiekabel van elkaar gescheiden
blijven. De transmissiebedrading en de voedingsbedrading mogen kruisen, maar ze
mogen NIET parallel lopen.
1 Verwijder het servicedeksel en de afschermplaat (zie
4
openen" [
56]).
2 Kabel gebruikersinterface: Sluit de kabel aan op het klemmenblok (symbolen
P1, P2).
3 Verbindingskabel (binnen↔buiten): Geleid de kabel door het frame, sluit
hem aan op het klemmenblok (controleer of de nummers overeenstemmen
met die op de buitenunit en sluit de aardingskabel aan) en maak hem vast met
een kabelbinder.
4 Dicht alle openingen af met een afdichtingsmateriaal (lokaal te voorzien) om
te voorkomen dat kleine dieren in het systeem terechtkomen.
5 Breng
de
afschermplaat
"16.2.6 Servicedeksel
b
P1 P2
F1 F2 T1 T2
R-Ctrl D III-Net
a Klem bedrading tussen units
b Bedradingsklem gebruikersinterface
c Bedradingskabel tussen units
d Klem bedradingskabel gebruikersinterface
e Kleine kabelbinder (accessoire)
Route elektrische bedrading:
a
a Elektrische bedrading
Bedradingsvoorbeeld volledig systeem
Zie de bij de buitenunit geleverde montagehandleiding voor de bedrading van
buitenunits.
en
het
4
sluiten" [
56]).
1
1
2
3
c
e
d
P
P
F
F
T
T
1
2
1
2
1
2
REMOTE
TRANSMISSION
FORCED
CNTRL
WIRING
OFF
"16.2.5 Servicedeksel
servicedeksel
weer
a
3
2
Split-systeem airconditioners
4P654517-1 – 2021.03
aan
(zie
FAA71+100BUV1B