Terug naar beginpagina
Camerabediening
C
amerabediening
Wanneer een CMOS-310/CMOS-300
(optionele accessoire) is aangesloten, kan de
camera vanaf dit toestel worden bediend.
De weergavemodus wisselen
Het camerasysteem kan 5 weergavemodi
weergeven.
1
Druk 1 seconde op de knop <AUD>.
Het scherm voor de cameraweergave
wordt getoond.
2
Raak het geïllustreerde gebied aan in
het scherm voor de cameraweergave.
Weergavemodi worden telkens gewisseld
wanneer u het geïllustreerde gebied
aanraakt.
66
66
De weergavecamera wisselen
Schakelen tussen de frontzichtcamera en de
achteruitrijcamera.
1
Druk 1 seconde op de knop <AUD>.
Het scherm voor de cameraweergave
wordt getoond.
2
Raak het geïllustreerde gebied aan in
het scherm voor de cameraweergave.
Schakelt telkens tussen
de frontzichtcamera en de
achteruitrijcamera wanneer u het
geïllustreerde gebied aanraakt.
Terug naar beginpagina
Camerabediening
67