5 Montage
2. Markeer de positie van de boorgaten. Richt daarbij de markeringen horizontaal uit.
3. Boor de gaten.
4. Steek afhankelijk van de ondergrond zo nodig de pluggen in de boorgaten.
5. Schroeven zo ver indraaien, dat tussen schroefkop en ondergrond minimaal 6 mm afstand is.
6. Hang het product met de metalen ophanglippen
aan de schroeven.
7. Trek de schroeven met een ratel of een ringsleutel
handvast aan. Als de boorgaten niet helemaal juist
zijn uitgelijnd, kunt u dit door middel van de metalen
ophanglippen compenseren.
8. Controleer of het product goed vastzit.
9.
Beschadiging van het product door zand, stof en vocht bij niet afgesloten
DC-ingangen
Het product is alleen dicht als alle DC-ingangen die niet worden gebruikt met DC-
connectoren en afdichtpluggen zijn afgesloten. Door het binnendringen van zand, stof en
vocht kan het product beschadigd raken en kan de functionaliteit worden belemmerd.
• Sluit alle DC-ingangen die niet worden gebruikt met de DC-connectoren en
afdichtpluggen af zoals hierna wordt beschreven. Steek de afdichtpluggen daarbij niet
rechtstreeks in de DC-ingangen van de omvormer.
10. Druk de klembeugel bij de niet benodigde DC-connectoren naar beneden en schuif de
wartelmoer naar de schroefdraad
30
SBS25-1VL-10-BE-nl-16
LET OP
SMA Solar Technology AG
Bedieningshandleiding