Werken met het tikpaneel (optioneel: PA-TDU-001) (alleen TD-2125N/2135N/2125NWB/2135NWB)
Afdrukken met het paneel met
voorgeprogrammeerde
toetsen
Als u een labellay-out hebt toegewezen aan
een toets op het paneel met
voorgeprogrammeerde toetsen, kunt u dat
label gemakkelijk afdrukken door op de
desbetreffende toets te drukken.
Welke gegevens voor elke toets van het
paneel met voorgeprogrammeerde
toetsen zijn geregistreerd, wordt
bepaald door het databasenummer of
toetsnummer waarmee de gegevens
van de computer zijn overgebracht naar
de printer. Zie De labellay-out
overbrengen naar de printer
op pagina 79 voor meer informatie.
a
Schakel de printer in. Het hoofdscherm
wordt weergegeven.
b
Als databases worden toegewezen aan
de toetsen van het tikpaneel:
Druk op [a] of [b] om een sjabloon te
selecteren.
c
Druk op de voorgeprogrammeerde
toets van het label dat u wilt afdrukken.
De labelgegevens worden
weergegeven op het scherm.
1
2
3
1 Sjabloonnummer
2 Tekst in labellay-out
3 Papierformaat
4 Nummer van databaserecord
(alleen bij een gekoppelde database)
5 Aantal afdrukken
OPMERKING
• Druk op [d] of [c] om alle tekst in de
labellay-out te controleren. Als u het
10
paneel met voorgeprogrammeerde
toetsen (B) gebruikt, kunnen de gegevens
niet worden bewerkt. Pas de gegevens
aan met het basisbedieningspaneel (A).
Zie De inhoud van een label bewerken
vóór het afdrukken op pagina 83 voor
meer informatie.
• De tekst wordt op het LCD-scherm
weergegeven in de volgorde die is
ingesteld met P-touch Editor. Zie De tekst
en volgorde voor weergave op het
LCD-scherm instellen op pagina 76 voor
meer informatie.
d
Typ met [a] of [b] het aantal exemplaren
dat u wilt afdrukken en druk vervolgens
op de knop
De labels worden afgedrukt.
OPMERKING
• U kunt het aantal af te drukken
exemplaren tussen 1 en 999 instellen.
• Als de sjabloon een automatisch
ophogend nummer bevat, wordt bij elk
label dat wordt afgedrukt het veld voor de
nummering automatisch opgehoogd met
de ingestelde waarde.
• Als [Afdr. bevest.] op [Uit] staat,
wordt met afdrukken begonnen zodra u
op de voorgeprogrammeerde toets drukt
in stap c.
4
5
(Afdrukken) of [OK].
10
85