Hoofdstuk 3
Communicatie-
instellingen (alleen
TD-2125N/2135N/
2125NWB/2135NWB)
Met [Communicatie-instellingen] in
Printer Instelling Tool kunt u de
communicatiegegevens voor de printer
opgeven of wijzigen als de printer met een
USB-kabel op de computer is aangesloten.
U kunt de communicatie-instellingen voor
één printer opgeven of voor meerdere
printers tegelijkertijd.
Instellingendialoogvenster
1 Menubalk
Via de menubalk hebt u toegang tot diverse
opdrachten. Deze zijn gegroepeerd onder de
menutitels (de menu's Bestand, Tools en Help)
op basis van de beschikbare functies.
2 Naam knooppunt
De Naam knooppunt wordt weergegeven.
De Naam knooppunt kan ook worden
gewijzigd. (Zie Naam knooppunt/Bluetooth
apparaatnaam wijzigen op pagina 26)
3 Gedeelte voor weergave en wijzigen van
instellingen
Weergave van de huidige instellingen voor het
geselecteerde item.
4 Vernieuwen
Klik op deze knop om de weergegeven
instellingen bij te werken met de meest recente
informatie.
24
5 Sluiten
Het venster [Communicatie-instellingen]
sluiten en terugkeren naar het hoofdvenster
van Printer Instelling Tool.
Instellingen worden niet toegepast op
printers als u op de knop [Afsluiten] klikt
3
zonder eerst op de knop [Toepassen] te
hebben geklikt als u wijzigingen hebt
aangebracht in de instellingen.
6 Toepassen
De instellingen worden op de printer
toegepast.
Selecteer [Opslaan in opdrachtbestand]
in de vervolgkeuzelijst om de opgegeven
instellingen op te slaan in een
opdrachtbestand. U kunt het opgeslagen
opdrachtbestand gebruiken in combinatie met
3
de functie voor massaopslag om instellingen
toe te passen op een printer. (Zie Functies voor
massaopslag op pagina 45.)
Als u op [Toepassen] klikt, worden alle
instellingen op alle tabbladen toegepast
op de printer.
De instellingen op een tabblad waarop
het selectievakje [Deze instellingen
uitschakelen] is ingeschakeld, worden
niet toegepast.
7 Items
Als u [Huidige status] selecteert, worden de
huidige instellingen weergegeven in het
gedeelte voor het weergeven en wijzigen van
de instellingen.
Selecteer het item waarvan u de instellingen
wilt wijzigen.
8 Deze instellingen uitschakelen
Als u dit selectievakje inschakelt, wordt
weergegeven op het tabblad en kunnen de
instellingen niet meer worden opgegeven of
gewijzigd.
De instellingen op een tabblad waarop
wordt weergegeven, worden niet op de printer
toegepast, ook niet als u op [Toepassen] klikt.
Bovendien worden de instellingen op het
tabblad niet opgeslagen of geëxporteerd als
u op [Opslaan in opdrachtbestand] of
[Exporteren] klikt.
Schakel het selectievakje uit als u de instellingen
wilt toepassen op de printer, wilt opslaan of wilt
exporteren.