7 Inbedrijfstelling
Voorbeeld
8
7
6
3
30°
5
4
20°
3
10°
2
1
0
-1
-2
2
-3
-4
100
125
150
1
83273407 1/2019-02 La
Montage- en bedieningsrichtlijnen
Combibrander WGL40/1-A ZM
7.1.7 Instelwaarden
Menginrichting overeenkomstig het vereiste warmtevermogen instellen. Daartoe
stuwschijfpositie en luchtkleppositie op elkaar afstemmen.
Stuwschijfpositie en luchtkleppositie bepalen
De brander mag niet buiten het arbeidsveld in bedrijf zijn.
Nodige stuwschijfpositie (maat X) en luchtkleppositie uit diagram bepalen en
noteren.
Vereist brandervermogen
Vuurhaarddruk
Stuwschijfpositie (maat X)
Luchtkleppositie
40°
50°
175
200
225
250
275
1 Warmtevermogen [kW]
2 Vuurhaarddruk [mbar]
3 Luchtkleppositie
4 Stuwschijfpositie [mm] (maat X)
5 Instelbereik luchtklep bij stuwschijfpositie gesloten (X = 0 mm)
6 Instelbereik maat X bij luchtkleppositie > 80°
Voorbeeld 1
360 kW
1,0 mbar
0 mm
55°
60° 70°
300
325
350
375
400
60-152
Voorbeeld 2
440 kW
4,0 mbar
9 mm
> 80°
5
6
0
5
4
425
450
475
500
525
15
10
550
575