5.2.2
Isolatieweerstand en polarisatieindex
Door meting van de isolatieweerstand en van de polarisatieindex (PI) kunt u informatie
verkrijgen over de toestand van de machine. Controleer daarom op de volgende tijdstippen de
isolatieweerstand en de polarisatieindex:
● Voordat de machine de eerste keer gestart wordt
● Na langdurige opslag of een periode van stilstand
● In het kader van onderhoudswerkzaamheden
Met een meting als hierboven omschreven verkrijgt u de volgende informatie over de isolatie
van de wikkelingen:
● Is de wikkelkopisolatie vervuild met geleidend materiaal?
● Heeft de wikkelkopisolatie vocht opgenomen?
Met deze informatie kunt u beslissen voor inbedrijfstelling van de machine of over eventuele
maatregelen zoals reiniging of drogen van de wikkeling.
● Kan de machine in bedrijf worden genomen?
● Moeten er reinigings- of drogingsmaatregelen worden genomen?
Gedetailleerde informatie over controle van de grenswaarden kunt u hier vinden:
"Isolatieweerstand en polarisatieindex controleren" (Pagina 65)
5.2.3
"Isolatieweerstand en polarisatieindex controleren"
Gevaarlijke spanning aan de klemmen
Bij en onmiddellijk na meting van de isolatieweerstand of van de polarisatie-index (PI) van de
statorwikkeling staat op de klemmen gedeeltelijk gevaarlijk hoge spanning. Bij aanraking kan
dit zware tot dodelijke letsels of aanzienlijke materiële schade veroorzaken.
● U dient bij aangesloten netleidingen te waarborgen dat er geen spanning kan worden
● Eerst moet de wikkeling na de meting ontladen worden tot het gevaar is uitgesloten,
SIMOTICS FD 1MN1
Bedieningshandleiding 02/2019
WAARSCHUWING
aangelegd.
bijvoorbeeld met de volgende maatregelen:
– Verbind de aansluitklemmen met het aardpotentiaal, totdat de na-ijlspanning tot een
ongevaarlijke waarde is gedaald.
– Klem de aansluitkabel vast.
Montage
5.2 Montage voorbereiden
65