FUNCTIES EN BEDIENINGSORGANEN
Met de functie besturingsoverdracht kan de bootbestuurder bepalen welk dashboard de motor aanstuurt. Als
de bootbestuurder de selectieknop Alleen-gas/station tweemaal indrukt, kan de motorbediening worden
overgedragen naar een nieuw dashboard. Als er een besturingsoverdracht gestart wordt, begint de
afstandsbediening automatisch met aanpassing van het motortoerental en de versnellingsstand zodat deze
overeenstemmen met de stand van de bedieningshendel op het nieuwe dashboard. Stel de
bedieningshendels af op de gewenste gas- en versnellingspositie.
NB: U krijgt 10 seconden de tijd om een besturingsoverdracht uit te voeren. Als de besturingsoverdracht dan
niet voltooid is, wordt de handeling geannuleerd en klinkt er een dubbele pieptoon. Bij nogmaals drukken op
de selectieknop Alleen-gas/station start de besturingsoverdracht opnieuw.
1.
Zet de actieve afstandsbedieningshendel in de stationairstand.
2.
Ga naar het niet-actieve dashboard en zet de afstandsbedieningshendel in de stationairstand.
3.
Druk tweemaal op de selectieknop Alleen-gas/station. Het "ACTIVE"-lampje gaat branden om aan te
geven dat deze afstandsbediening de motor aanstuurt.
a
ACTIVE
STATION SELECT
a -
actieflampje
b -
selectieknop alleen-gas/station
4.
Het "ACTIVE"-lampje op het eerste dashboard gaat uit.
Dashboards synchroniseren voor de besturingsoverdracht
Als de bootbestuurder de selectieknop Alleen-gas/station één keer indrukt heeft hij/zij 10 seconden om de
afstandbedieningsinstelling op het nieuwe station aan te passen aan de hendelinstelling op het oude station
(dat op non-actief gesteld wordt). Als de hendelstanden niet met elkaar overeenstemmen, knippert het
neutraallampje. Het lampje gaat sneller knipperen naarmate de instellingen van de hendels elkaar dichter
benaderen. Als het lampje continu brandt, komt de stand van de hendels overeen en kunt u nogmaals op de
selectieknop Alleen-gas/station drukken om de overdracht te voltooien. Dit voltooit het overdrachtsproces en
de besturing gaat over naar het nieuwe station. Als de stationsoverdracht niet binnen 10 seconden voltooid
wordt, wordt de stationsoverdracht afgebroken.
Functies en bediening bij schaduwmodus met CAN-trackpad
GEBRUIK GASKLEP EN SCHAKELING VOOR DRIE MOTOREN
Door de hendels op de afstandsbediening te bewegen, kan de bootbestuurder het motortoerental en de
schakelstanden regelen voor alle drie motoren.
De gasklep- en schakelfunctie is afhankelijk van welke motoren in gebruik zijn. Zie de onderstaande tabel.
Motor bakboord
Loopt
nld
a
b
THROTTLE
ONLY
Middelste
motor
Loopt
SYNC
ACTIVE
THROTTLE
ONLY
STAT ION SELECT
Motor stuurboord
Loopt
57
b
22753
Functie bedieningshendel
Gasklep en schakelen motor bakboord =
geregeld met bedieningshendel bakboord
Gasklep en schakelen motor stuurboord =
geregeld met bedieningshendel stuurboord
Gasklep middelste motor = gemiddelde
van motoren aan bakboord en stuurboord