• SLOT 3/4
Er kunnen maximaal 30 kanalen met audiosignalen
worden ontvangen via ingangskanalen 1–16 van I/O-
kaarten die zijn geïnstalleerd in sleuven 3 en 4. (Omdat
kanalen 15/16 van SLOT 4 niet worden gebruikt, zijn er
in werkelijkheid maar 30 kanalen beschikbaar.) Als u
deze instelling kiest, worden de signalen van de
CASCADE IN-connector (kanalen 1–32) toegewezen
aan kanalen 1–16 van de SLOT IN 3/4-poorten.
30 kanalen
CH 1-16
SLOT 3/4
CH 1-16
SLOT 1/2
32 kanalen
CH 1-32
CASCADE IN
• SLOT 1-4 [CH1-8]
Er kunnen maximaal 30 kanalen met audiosignalen
worden ontvangen via ingangskanalen 1–8 van I/O-
kaarten die zijn geïnstalleerd in sleuven 1–4. (Omdat
kanalen 7/8 van SLOT 4 niet worden gebruikt, zijn er
in werkelijkheid maar 30 kanalen beschikbaar.) Als u
deze instelling kiest, worden de signalen van de
CASCADE IN-connector (kanalen 1–32) toegewezen
aan kanalen 1–8 van de SLOT IN 1–4-poorten.
30 kanalen
CH 1-8
SLOT 1-4
CH 1-32
CASCADE IN
32 kanalen
CH 9-16
SLOT 1-4
• SLOT 1-4 [CH9-16]
Er kunnen maximaal 30 kanalen met audiosignalen
worden ontvangen via ingangskanalen 9–16 van I/O-
kaarten die zijn geïnstalleerd in sleuven 1–4. (Omdat
kanalen 15/16 van SLOT 4 niet worden gebruikt, zijn er
in werkelijkheid maar 30 kanalen beschikbaar.) Als u
deze instelling kiest, worden de signalen van de
CASCADE IN-connector (kanalen 1–32) toegewezen
aan kanalen 9–16 van de SLOT IN 1–4-poorten.
30 kanalen
CH 9-16
SLOT 1-4
CH 1-8
SLOT 1-4
32 kanalen
CH 1-32
CASCADE IN
N CASCADE TO (verzenddoel bij
cascadeverbinding)
U kunt PM5D/PM5D+DCU5D (een ander PM5D-
apparaat) of "----" (verzenden uitgeschakeld) selecteren
als het externe apparaat waarnaar audiosignalen
worden verzonden en waarmee besturingssignalen
worden uitgewisseld via de cascadeverbinding.
CASCADE IN
SLOT IN 1 (CH 1–16)
SLOT IN 2 (CH 1–16)
SLOT IN 3 (CH 1–16)
SLOT IN 4 (CH 1–16)
CASCADE IN
SLOT IN 1–4 (CH 1–8)
SLOT IN 1–4 (CH 9–16)
CASCADE IN
SLOT IN 1–4 (CH 1–8)
SLOT IN 1–4 (CH 9–16)
PM5D/PM5D-RH V2 / DSP5D Gebruikershandleiding
O CASCADE OUT PORT SOURCE SELECT
Selecteer een van de volgende opties als de signaalbron
die wordt uitgevoerd via de CASCADE OUT-connector.
Tip
Als u een andere instelling dan CASCADE OUT selecteert,
worden dezelfde signalen uitgevoerd naar de
overeenkomstige sleuven als naar de CASCADE OUT-
connector.
• CASCADE OUT
De audiosignalen die worden verzonden door de
cascadefunctie worden uitgevoerd via de CASCADE
OUT-connector. Als PM5D is geselecteerd als het
N ), worden er ook besturingsignalen
verzenddoel (
voor het koppelen van parameters verzonden en
ontvangen. Het type signalen dat wordt uitgevoerd kan
worden geselecteerd in het scherm CASCADE.
• SLOT 3/4
Dezelfde audiosignalen (maximaal 32 kanalen) die
worden uitgevoerd via uitgangskanalen 1–16 van
sleuven 3/4, worden ook parallel uitgevoerd via de
CASCADE OUT-connector.
• SLOT 1-4 [CH1-8]
Dezelfde audiosignalen (maximaal 32 kanalen) die
worden uitgevoerd via uitgangskanalen 1–8 van
sleuven 1–4, worden ook parallel uitgevoerd via de
CASCADE OUT-connector.
• SLOT 1-4 [CH9-16]
Dezelfde audiosignalen (maximaal 32 kanalen) die
worden uitgevoerd via uitgangskanalen 9–16 van
sleuven 1–4, worden ook parallel uitgevoerd via de
CASCADE OUT-connector.
P CASCADE MODE
Kies een van de twee volgende werkingsmodi als er
meerdere PM5D-eenheden zijn aangesloten via een
cascadeverbinding.
• MASTER
Als de functie Cascade is ingeschakeld, worden er
besturingssignalen verzonden naar een externe PM5D.
• SLAVE
Als de functie Cascade is ingeschakeld, worden er
besturingssignalen ontvangen van een externe PM5D.
Q BI-DIRECTION (bidirectionele
communicatie)
Als er meerdere MP5D-apparaten zijn aangesloten,
kiest u met deze knop of de apparaten elkaars
audiosignalen mengen.
Stel de cascademodus en de knop BI-DIRECTION in
volgens het type cascadeverbinding. zoals hieronder
wordt besproken.
Als u twee PM5D-apparaten via een cascadeverbinding
aansluit in een "ringtopologie" (d.w.z. dat u de
CASCADE IN-connector van elk apparaat aansluit op
de OUT-connector van het apparaat), stelt u de
cascademodus in op MASTER op het ene apparaat en
op SLAVE op het andere apparaat. Schakel de knop BI-
DIRECTION in voor beide apparaten.
Audiosignalen
van A+B
CASCADE
CASCADE
IN
OUT
PM5D A
(Cascade-master)
CASCADE MODE= MASTER
BI-DIRECTION= ON
Gedeelte Naslagwerk
Audiosignalen
van A+B
CASCADE
CASCADE
IN
OUT
PM5D B
(Cascade-slave)
CASCADE MODE= SLAVE
BI-DIRECTION= ON
225