26
3. Chassis
3.6 Automatische transmissie
Optioneel is uw camper voorzien van een automatische
transmissie (Comfort-Matic), die beschikt over de bedie-
ningswijzen MANUAL/ handgeschakeld en AUTO. Omdat het
koppelen en ontkoppelen wordt geregeld door een elektro-
hydraulisch mechanisme dat wordt gecontroleerd door de
transmissiecontroller, is een koppelingspedaal overbodig en
is daarom niet aanwezig. Zowel de gekozen modus als de
ingeschakelde versnelling worden op het multifunctionele
display weergegeven.
FIAT Comfort-Matic
De versnellingspook op het dashboard heeft drie vaste standen:
− de middelste stand voor de keuze van de vooruitversnelling.
− N voor de neutrale stand (stationair toerental).
− R voor de achteruitversnelling.
Vanuit de middelste stand, die overeenkomt met de vooruit,
kan de hendel als volgt worden bewogen:
− naar voren (stand -), om een lagere versnelling te kiezen
(d.w.z. terugschakelen).
− naar achteren (stand +), om in een hogere versnelling te
schakelen.
− naar links (stand A/M), om naar keuze de automatische of
de handmatige modus te kiezen.
*
Bij deze drie standen blijft de hendel niet in de gekozen posi-
tie staan, d.w.z. na activering keert de hendel in de midden-
stand terug.
Handmatige modus
Deze modus laat de chauffeur de keuze van de geschikte
versnelling overeenkomstig de gebruiksomstandigheden van
het voertuig. Schakelen gaat als volgt:
• Beweeg de versnellingspook in de richting (+) om een
hogere versnelling te kiezen of in de richting (-) om terug te
schakelen. Tijdens het wisselen van versnelling hoeft het
gaspedaal niet te worden losgelaten.
Het systeem staat het schakelen alleen toe als de schakel-
opdracht de juiste werking van motor of aandrijving niet in
gevaar brengt. Het systeem schakelt automatisch terug zodra
de motor het stationaire toerental bereikt (bijv. bij afremmen).
Automatische modus
Om de automatische modus in- resp. uit te schakelen moet
de versnellingspook in de richting A/M worden geduwd. Het
systeem schakelt automatisch op basis van voertuigsnelheid,
motortoerental en gaspedaalstand. Zo nodig schakelt het
systeem na het intrappen van het gaspedaal één of meerdere