Download Inhoudsopgave Inhoud Print deze pagina

Veiligheid Van Gegevens Bij Geactiveerde Modbus-Interface; Activeringsdrempel Van De Aardlekbeveiliging Instellen; Terugleverbeheer Configureren - SMA SUNNY TRIPOWER CORE1 Bedieningshandleiding

Verberg thumbnails Zie ook voor SUNNY TRIPOWER CORE1:
Inhoudsopgave

Advertenties

9 Configuratie van de omvormer
Informatie over welke modbus-registers worden ondersteund, vindt u in de technische informatie
"SMA Modbus® Interface" resp. "SunSpec® Modbus® Interface" onder www.SMA-Solar.com.

Veiligheid van gegevens bij geactiveerde Modbus-interface

Als u de Modbus-interface activeert, loopt u het risico dat onbevoegde gebruikers toegang
krijgen tot de gegevens van uw PV-installatie en deze kunnen manipuleren.
• Neem daarom geschikte veiligheidsmaatregelen, bijvoorbeeld:
– Configureer een firewall.
– Sluit niet benodigde netwerkpoorten.
– Laat remote toegang alleen via een VPN-tunnel toe.
– Configureer geen port forwarding op de gebruikte communicatiepoorten.
– Om de Modbus-interface te deactiveren, moet u de omvormer resetten naar de
fabrieksinstellingen of de geactiveerde parameters weer deactiveren.
Werkwijze:
• Modbus-interface activeren en zo nodig de communicatiepoort aanpassen (zie technische
informatie "SMA Modbus®-Schnittstelle" (SMA Modbus®-interface) resp. technische
informatie "SunSpec® Modbus®-Schnittstelle" (SunSpec® Modbus®-interface) op www.SMA-
Solar.com).
9.6
Activeringsdrempel van de aardlekbeveiliging
instellen
Wanneer een aardlekbeveiliging met een activeringsdrempel <500 mA wordt toegepast, moet u
de aciveringsdrempel in de omvormer overeenkomstig aanpassen (zie voor uitgebreidere
informatie Technische informatie ""Capacitieve afvoerstromen"" onder www.SMA-Solar.com).
Het principe voor het wijzigen van bedrijfsparameters wordt in een ander hoofdstuk beschreven
(zie hoofdstuk 9.1 "Bedrijfsparameters wijzigen", pagina 60).
• Kies in de parametergroep Apparaat > omvormer de parameter RCD aanpassing en stel
deze in op de activeringsdrempel van de toegepaste aardlekbeveiliging.
9.7

Terugleverbeheer configureren

Als de netwerkexploitant dit eist, kan de omvormer bijdragen aan het netbeheer. Dit kunt u via het
terugleverbeheer van de omvormer configureren. Stem de configuratie van het terugleverbeheer
vooraf af met uw netwerkexploitant.
Het principe voor het wijzigen van bedrijfsparameters wordt in een ander hoofdstuk beschreven
(zie hoofdstuk 9.1 "Bedrijfsparameters wijzigen", pagina 60).
Werkwijze:
1. De gebruikersinterface oproepen (zie hoofdstuk 8.1, pagina 51).
2. Meld u op de gebruikersinterface aan als installateur.
64
STP50-40-BE-nl-12
SMA Solar Technology AG
Bedieningshandleiding

Advertenties

Inhoudsopgave
loading

Inhoudsopgave