6 Elektrische aansluiting
• Het type kabel en de installatiewijze moeten geschikt zijn voor het beoogde gebruik en de
plaats van gebruik.
Werkwijze:
1.
Levensgevaar door hoge spanningen
• Schakel de omvormer spanningsvrij (zie hoofdstuk 10, pagina 70).
2. Wanneer de behuizingsdeksel van de DC-
Connection Unit gesloten is, demonteert u de
behuizingsdeksel. Daartoe draait u alle
10 schroeven los met een torxschroevendraaier
(TX 25) en neemt u de behuizingsdeksel naar voren
eraf.
3. Leg de schroeven en de behuizingsdeksel terzijde en bewaar deze zorgvuldig.
4. Draai de wartelmoer los van de kabelschroefverbinding voor de datakabel.
5. Verwijder de kabeldoorvoer met twee gaten uit de kabelschroefverbinding en steek de kabel
door een doorvoer van de kabeldoorvoer met twee gaten.
6. Druk de kabeldoorvoer met twee gaten met de kabel in de kabelschroefverbinding en leid de
kabel naar de communicatiemodule in de DC-Connection Unit. Zorg ervoor dat daarbij de
ongebruikte kabeldoorvoer van de kabeldoorvoer met twee gaten is afgesloten met een
afdichtplug.
7. Strip de kabel over maximaal 9 mm.
8. Sluit de kabel afhankelijk van de bedrijfsmodus
volgens het aansluitschema aan op de 3-polige
klemmenstrook (zie hoofdstuk 6.5.3, pagina 37).
Zorg er daarbij voor dat de leidingen helemaal tot
aan de isolering in de klemposities zitten.
9. Steek de 3-polige klemmenstrook met de
aangesloten leidingen in de aansluiting MFR op de
communicatiemodule in de omvormer.
10. Zorg ervoor dat de klemmenstrook goed vastzit.
11. Zorg ervoor dat alle leidingen correct zijn aangesloten .
42
STP50-40-BE-nl-12
GEVAAR
SMA Solar Technology AG
10x
10x
Bedieningshandleiding