Bijwerkingen
Fysiologische bijwerkingen van de hoortoestellen, zoals
tinnitus, duizeligheid, cerumenophoping, te veel druk, zweten
of vocht, blaren, jeuk en/of uitslag, verstopt of vol gevoel
en de bijbehorende gevolgen als hoofdpijn en/of oorpijn,
kunnen worden verholpen of verlicht door uw audicien.
Traditionele hoortoestellen kunnen cliënten blootstellen
aan hogere niveaus van geluidsblootstelling, wat kan leiden
tot drempelverschuivingen in het frequentiebereik door
akoestisch trauma.
De primaire criteria voor doorverwijzing van een cliënt
voor advies van een medische of andere specialist en/of
behandeling zijn:
• Zichtbaar erfelijke of traumatische vervorming van het oor;
• Voorgeschiedenis van actieve drainage van het oor
in de afgelopen 90 dagen;
• Voorgeschiedenis van plotseling of snel verergerend
gehoorverlies in één oor of beide oren binnen de
afgelopen 90 dagen;
• Acute of chronische duizeligheid;
58
• Audiometrische air-bone gap gelijk aan of groter dan
15 dB bij 500 Hz, 1000 Hz en 2000 Hz;
• Zichtbaar bewijs van significante cerumenopeenhoping
of een vreemd voorwerp in de gehoorgang;
• Pijn of vervelend gevoel in het oor;
• Afwijkend uiterlijk van het trommelvlies en de
gehoorgang zoals:
• Ontsteking van de externe gehoorgang
• Geperforeerd trommelvlies
• Andere afwijkingen waarvan de audicien denkt dat
ze medisch zorgelijk zijn.
59