2 Productoverzicht
OPMERKING: De standaardtoegangscode van de getrainde operateur is "11111".
4.
Selecteer [Bevestigen] met de toets <Selecteren>, of druk op de toets
<Invoeren>.
5.
Selecteer [Gemeenschappelijke
instellingen] op het scherm
[Systeeminstellingen] met de toets
<Selecteren>.
6.
Druk op de toets <Invoeren>.
7.
Selecteer [Timerinstellingen] op het
scherm [Algemene instellingen] met de
toets <Selecteren>.
8.
Druk op de toets <Invoeren>.
9.
Selecteer de gewenste optie.
10.
Voer de gewenste waarde in met de
aantaltoetsen.
OPMERKING: U dient mogelijk eerst de bestaande waarde te verwijderen (door <C>
te kiezen op het bedieningspaneel) alvorens de nieuwe waarde in te voeren.
11.
Druk op de toets <Invoeren>.
Modes
Met de mode-toetsen kunt u de schermen openen waarop u toepassingen kunt
selecteren, de status van opdrachten kunt bekijken en informatie kunt opvragen over
het apparaat.
Het apparaat bevat zes mode-toetsen.
• Kopiëren
• Fax
• E-mail
• Aan-/afmelden
• Opdrachtstatus
• Apparaatstatus
OPMERKING: Afhankelijk van de configuratie kan het apparaat beschikken over drie
mode-toetsen, < Aan-/afmelden>, <Opdrachtstatus> en <Apparaatstatus>.
40
Xerox CopyCentre/WorkCentre 118 Handleiding voor de gebruiker