Er klinkt een korte tune. Het apparaat stelt
automatisch een standaardprogramma voor.
Het relevante indicatielampje gaat branden.
Het display toont de programmaduur, de
maximale lading (enkele seconden), de
standaardtemperatuur, de
standaardcentrifugeersnelheid en de
aanduidingen van de fasen waaruit het
programma bestaat.
13.2 Wasgoed in de machine doen
1. Open de deur van het apparaat.
2. Schud de artikelen goed door elkaar
voordat je ze in de machine stopt.
3. Doe het wasgoed een voor een in de
trommel.
Zorg ervoor dat u niet te veel was in de
trommel doet.
4. Sluit de deur stevig.
LET OP!
Controleer of er geen wasgoed tussen
het deurrubber en de deur blijft zitten.
Hierdoor kan waterlekkage en/of schade
aan het wasgoed ontstaan.
LET OP!
Het wassen van zwaar geoliede, vettige
vlekken kan leiden tot beschadiging van
rubberen onderdelen van het apparaat.
36
NEDERLANDS
13.3 Wasmiddel en additieven
(wasverzachter, vlekkenmiddel)
toevoegen
We adviseren om het aangegeven
maximumniveau niet te overschrijden
(
).
1. Open de wasmiddellade.
2. Doe het waspoeder in het vakje
bij gebruik van vloeibaar wasmiddel
'Vloeibaar wasmiddel vullen'.
3. Doe desgewenst een wasverzachter in
het vakje
.
. Zie