OVERIGE EXTERNE COMPONENTEN
OVERIGE EXTERNE COMPONENTEN
❏ Tonen van het scherm van de
achterzichtcamera
Het achterzicht wordt getoond wanneer de
versnelling in zijn achteruit (R) wordt geschakeld.
• Voor het wissen van de waarschuwing, raakt u het
scherm weer even aan.
Handmatig tonen van het beeld van de
achterzichtcamera
Op het startscherm:
Verlaten van het achterzichtscherm
26
❏ Gebruik van de parkeeraanwijzingen
op het achterzichtscherm
U kunt voor het gemakkelijker parkeren de
richtlijnen voor het parkeren tonen wanneer u de
versnelling in de achteruit-stand (R) drukt.
Tonen van de richtlijnen voor het parkeren
1
Toon het <Display> instelscherm.
Op het startscherm:
• Druk herhaaldelijk op [K] om van pagina op
het <Display> menuscherm te veranderen.
2
Uitschakelen: Kies [OFF] voor
<Parking Guidelines>.
Instellen van de richtlijnen voor het parkeren
Stel de richtlijnen voor het parkeren in
overeenstemming met het formaat van de auto, de
ruimte voor het parkeren, etc. in.
• Plaats een achterzichtcamera op de juiste plaats in
overeenstemming met de handleiding die bij de
camera is geleverd.
• Trek de handrem beslist aan zodat de auto niet
kan verplaatsen tijdens het instellen van de
richtlijnen voor het parkeren.
1
Toon het <Display> instelscherm. (Zie de
linkerkolom.)
• Druk herhaaldelijk op [K] om van pagina op
het <Display> menuscherm te veranderen.
2
Toon het instelscherm voor
parkeeraanwijzingen.
3
Stel de richtlijnen voor het parkeren in
door de
markering (1) te kiezen en stel
vervolgens de positie van de gekozen
markering (2) in.
Controleer of A en B horizontaal parallel zijn
en of C en D dezelfde lengte hebben.
• Houd [Initialize ] 2 seconden ingedrukt om
alle
markeringen naar de basispositie terug
te stellen.