Hoofdstuk 3 Functies
LET OP
☞
Als u de functie weer wilt instellen op de
standaardinstelling (OFF), drukt u op de
spatiebalk.
☞
Als u naar de tekst wilt teruggaan zonder de
opmaak te wijzigen, drukt u op e (OF houdt
u d ingedrukt en drukt u op
3 Druk op r (OF druk op n) om de
instelling toe te passen.
Functie voor stempelsjablonen
(d + S)
Met de functie voor stempelsjablonen kunt u op
snelle en gemakkelijke wijze uw eigen
stempelfilms maken voor chemisch etsen. Nadat
u een stempelfilmcassette in het apparaat hebt
geplaatst, selecteert u deze functie en past u de
tekst aan op de dikte van de voorgevulde
stempelhouders. Aangezien de stempelhouders
vele malen bruikbaar zijn, kunt u dus gewoon
een nieuwe stempelsjabloon maken en de
stempel in de houder hiermee vervangen.
Een stempel maken:
1 Voer de tekst in en plaats een middelmatige
(18 mm breed) of grote (24 mm breed)
stempelfilmcassette.
2 Houd d ingedrukt en druk op S.
1 2 3 4 5 6 7 8 9 A B C D E F K Q Q Q Q Q
R
R
G
R
H
NO
R
STAMP MODE
L M
R
I
OFF
R
J
AUTO
0.4
Length
Margin
LET OP
☞
Als u met deze functie een stempel maakt, dient
u de functie Tapelengte te gebruiken en een
linker- en rechtermarge van 25 mm voor uw
label te selecteren.
3 Draai r (OF druk op m of g) tot de
gewenste instelling verschijnt.
40
p
).
Q Q Q
Q Q Q Q
Q Q Q Q
Q Q Q Q
Q Q Q Q
HELSINKI
A
AUTO
Font
Width
Size
LET OP
☞
Als u de functie weer wilt instellen op de
standaardinstelling (OFF), drukt u op de
spatiebalk.
☞
Als u naar uw tekst wilt teruggaan zonder de
instelling voor de de stempelfunctie te wijzigen,
drukt u op e (OF houdt u d ingedrukt en
drukt u op S).
4 Druk op r (OF druk op n). Als de
instelling ON is geselecteerd, wordt de
resolutie automatisch ingesteld voor
stempels.
5 Druk op p om de tekst uit de stempelfilm
te snijden.
6 Wanneer de stempelfilm is afgesneden,
verwijdert u de beschermlaag van de
achterkant en brengt u de sjabloon aan op het
inktblok van de stempelhouder.
De functie voor automatische
opmaak (d + 6 (6) )
Met de functie Automatische opmaak kunt u op
snelle en gemakkelijke wijze uiteenlopende
labels en stempels maken. U selecteert eerst een
van de vooraf gemaakt opmaaksjablonen en
voert dan uw tekst in elk van de velden in. De
algemene stijl van uw label kan op eenvoudige
wijze worden veranderd door een van de zes
opmaakstijlen te selecteren. Uw label is dan
meteen klaar om te worden afgedrukt.
Met de vele beschikbare sjablonen kunnen
labels en stempels voor uiteenlopende
doeleinden worden gemaakt, voor het
adresseren van enveloppen tot het identificeren
van diskettes of audio- of videocassettes. De
breedte en lengte van elk label of elke stempel,
is ingesteld in de sjabloon. Raadpleeg pagina 81
t/m83 voor voorbeelden van de beschikbare
sjablonen.
Als de tekst eenmaal is ingevoerd, kan er nog
altijd een andere stijl worden geselecteerd.
Raadpleeg pagina 84 voor voorbeelden van de
beschikbare opmaakstijlen.