Bewerken van automatische begeleidingspatronen
U kunt de procedure in dit hoofdstuk volgen om de bij dit
digitale keyboard ingebouwde automatische
begeleidingsritmepatronen te bewerken en uw eigen
"gebruikersritmes" te creëren.
• U kunt maximaal 10 gebruikersritmes opslaan in het
geheugen van het digitale keyboard d.m.v. de
ritmenummers 201 tot en met 210 (CTK-4000: 181 tot en
met 190).
■ Bewerkbare begeleidinggspatronen en
instrumentgedeeltes
Elk van de volgende gedeeltes die elk ritme vormen die
toegewezen is een een ritmenummer kan worden bewerkt.
Begeleidingspatronen (intro, invulpatroon, etc.): 6 types
Instrumentgedeeltes (drum, bas, etc.): 8 types
Instrument-
gedeeltes
I
1 Drum
I-1
N-1
2 Slagwerk
I-2
N-2
3 Bas
I-3
N-3
4 Akkoord 1
I-4
N-4
5 Akkoord 2
I-5
N-5
6 Akkoord 3
I-6
N-6
7 Akkoord 4
I-7
N-7
8 Akkoord 5
I-8
N-8
7
8
Toets
D-42
1 1
7 7 8 8 9 9
bk bk
Begeleidingspatroon
N
NF
V
VF
NF-1
V-1
VF-1
NF-2
V-2
VF-2
NF-3
V-3
VF-3
NF-4
V-4
VF-4
NF-5
V-5
VF-5
NF-6
V-6
VF-6
NF-7
V-7
VF-7
NF-8
V-8
VF-8
8
9
9
5 5
bl bl
bm bm
■ Bewerkbare inhoud
• Ritmenummer
• Gedeelte aan/uit
• Toonnummers
• Volumeniveau
• Links-rechts luidsprekerbalans (panning)
• Nagalmdiepte (nagalm zenden)
• Zwevingdiepte (chorus zenden)
Bewerken en opslaan van een automatische
begeleiding
1.
Selecteer het nummer van het ritme dat u wilt
bewerken.
2.
Druk op
Instrumentgedeelte
E
bm
E-1
E-2
E-3
E-4
E-5
Zie pagina D-74 voor informatie betreffende wat u moet
E-6
doen als de melding "Err Mem Full" (fout - geheugen vol)
E-7
op het display verschijnt.
E-8
bk
bp bp
5
.
Ritmenummer
Bewerkbare inhoud
D r m : R h
Gaat branden
Begeleidingspatroon (knippert)
br br
cs cs
.
y