verminderen. Lange vrije draadlengten kunnen bij een
draadbreuk tot gevaarlijke zweepslagen leiden.
d) Zorg ervoor dat er zich binnen het zweepslaggebied
geen voorwerpen zoals stellingen bevinden. Bij draad-
breuk kan het losse einde van de draad door dergelijke
voorwerpen in een onverwachte richting worden gezweept.
e) De gevarenzone heeft een straal van minstens het
dubbele van de draadlengte die bij een eventuele draad-
breuk (aangegeven in geel) vrijkomt plus het gebied in
het verlengde van de as aan de draadtrekzijde (aange-
geven in grijs). De gevarenzone kan niet worden beperkt
tenzij geschikte beveiligingsmaatregelen worden getrof-
fen (beschermende muren, gordijnen of draadscher-
men enz.). De veiligheidsinrichtingen moeten zo geplaatst
worden dat de draad in geval van draadbreuk niet
rondzwiept en dat voorwerpen of fragmenten niet kun-
nen rondvliegen.
f) De operator is verantwoordelijk voor het afbakenen
van het gebied. Indien nodig moet veiligheidsperso-
neel ervoor zorgen dat niemand toegang heeft tot het
werkgebied.
STOP
STOP
l
1
STOP
5. Veiligheidsinstructies
STOP
g) Zorg ervoor dat tijdens de montage en het gebruik
van de machine niemand zich onder het werkgebied
bevindt. Vallende componenten of werktuigen kunnen
tot ernstig letsel leiden.
5.3
Algemene veiligheidsinstructiesn
a) Gebruik de draadzaag alleen als u de gebruiksaan-
wijzing hebt gelezen, met de inhoud vertrouwd bent en
voor het gebruik door een Hilti specialist in het veilige
gebruik geschoold bent. Neem alle waarschuwingen en
instructies in acht.
b) Gebruik de juiste machine voor de werkzaamheid.
Gebruik de machine niet voor doeleinden waarvoor ze
niet bestemd is. Gebruik de machine enkel reglementair
en in perfecte staat.
c) Gebruik de machine, toebehoren en zaagdraden enz.,
in overeenstemming met deze instructies en op manier
waarvoor dit bepaalde type machine bestemd is, en houd
rekening met de werkomstandigheden en de uit te voe-
ren werkzaamheden. Het gebruik van deze machine voor
andere werkzaamheden dan waarvoor ze bestemd is kan
leiden tot gevaarlijke situaties.
STOP
l
1
27