In
Tabel 12
voorkomen.
Tabel 12: Configuratie-items in het script voor de initiële systeemconfiguratie
IP-adres en subnetmasker voor de beheerinterface in CIDR-notatie
(bijvoorbeeld 10.1.10.244/24)
Het bestemmings-IP-adres met subnetmasker en vervolgens het IP-adres
van de gateway (bijvoorbeeld 1.0.1.0/24 10.0.1.2) (Optioneel)
Naam van het Storage Router-systeem (maximumlengte is 19 tekens)
HA-configuratie (standalone of geclusterd)
Clusternaam (wordt alleen gevraagd wanneer HA-configuratie is ingesteld
op clustered)
IP-adres en subnetmasker voor de HA-interface in CIDR-notatie (bijvoorbeeld
10.1.20.56/24; wordt alleen gevraagd wanneer HA-configuratie is ingesteld
op clustered)
De gigabit Etherne-interface die wordt gebruikt om te communiceren met het
IP-netwerk; selecteer ge1 of ge2.
IP-adres en subnetmasker voor de gigabit Ethernet-interface in CIDR-notatie
(bijvoorbeeld 10.1.0.45/24)
Wanneer het script is uitgevoerd, start het systeem automatisch opnieuw op.
Wanneer de opdrachtprompt weer te zien is, gaat u door met configureren met
de instellingsconfiguratiewizard.
hp StorageWorks iSCSI storage router 2122 - gebruikershandleiding
staan de configuratie-items in de volgorde waarin deze in het script
Configuratie-item
De Storage Router configureren
Configuration
deployment
(Configuratie-
inzet)
65