Aanzicht in de volgende figuur →
Brander- en branderdeur pakkingen
Als deze pakkingen beschadigd of verkleurd zijn, het rubber uitgehard is en/of beschadigd dan dienen deze ver-
vangen te worden. LET OP: Gebruik alleen onderdelen (pakkingen), die door de fabrikant geleverd worden.
Ventilator
Als de schoepen van de ventilator vervuild zijn, dient iedere schoep nauwkeurig gereinigd te worden met een zachte
kwast. Als deze werkzaamheden niet consequent of met te veel kracht worden uitgevoerd, kan de ventilator in
onbalans raken en niet meer gelijkmatig draaien. Dit veroorzaakt lawaai en mogelijk ventilatoruitval. Controleer de
ventilator ook op eventuele waterschade. In geval van twijfel altijd de ventilator vervangen.
Isolatie
De isolatie, die op de achterwand (aan de binnenzijde van de wisselaar) gemonteerd is, dient geïnspecteerd te
worden. Als er beschadigingen (door water) of degradatie zichtbaar zijn, moet deze isolatie preventief worden ver-
vangen. Controleer ook op mogelijke signalen van een te hoog condenswaterniveau (t.g.v. een verstopte sifon),
waardoor de isolatie nat is geweest. Wanneer deze sporen zichtbaar zijn, moet de achterwandisolatie ook vervan-
gen worden. Gebruik ter vervanging alleen de originele isolatie van de fabrikant/leverancier. Dezelfde inspectie
dient ook voor de isolatie en de pakkingen van de branderdeur te worden uitgevoerd.
Sifon
Demonteer de sifon en maak de sifon schoon. Controleer of de aansluiting van de sifon naar de wisselaar open is
en maak deze zo nodig schoon. Controleer hierna de werking van de sifon door schoon leidingwater in de vuurhaard
van de wisselaar te gieten (als de branderdeur verwijderd is). Dit water loopt dan weg via de sifon. Let er wel op dat
de isolatie niet nat wordt.
Warmtewisselaar/verbrandingskamer
Controleer of er vuil in de wisselaar aanwezig is. De elementen van de wisselaar kunnen gereinigd worden met
behulp van een (niet metalen) borstel, waarna de wisselaar met behulp van een stofzuiger schoongemaakt kan
worden of met water schoongespoeld kan worden. Vergeet bij het schoonspoelen niet om de sifon nogmaals te
reinigen.
Het schoonmaken van de wisselaar met zure of alkalische producten is niet toegestaan.
D = 8 - 10 mm
D = 0.315 - 0.393 inch
De sifon moet altijd tot de rand toe ge-
vuld worden met water, alvorens deze
weer op de ketel wordt gemonteerd
E93.1001NL.E Handleiding CD
D
+
3.5 mm / 0.14 inch
115