12 Fouten verhelpen
7. De ventilatorhouder vast naar beneden drukken, zodat de
borgingen links en rechts vastklikken.
8. Stel het product weer in bedrijf.
12.8
Diagnosefunctie bij foutieve Speedwire-communicatie
Wanneer in de installatie meerdere Speedwire-apparaten in lijntopologie met elkaar zijn verbonden en de Speedwire-
communicatie niet optimaal functioneert, heeft u de mogelijkheid, diagnosefuncties voor eenvoudig zoeken naar fouten
te activeren.
De volgende diagnosefuncties zijn beschikbaar:
• Weergave van de Speedwire-communicatie op het product activeren (zie hoofdstuk 12.9, pagina 84)
• Speedwire-communicatie via SMA Data Manager testen (zie hoofdstuk 12.10, pagina 84)
12.9
Weergave van de Speedwire-communicatie activeren
Door het activeren van deze diagnosefunctie kan het product door het knipperen van de blauwe led signaleren
hoeveel netwerkkabels er zijn aangesloten. Daardoor kunt u snel het volgende controleren:
• Is bij producten waarbij slechts 1 netwerkkabel moet zijn aangesloten de netwerkkabel ingestoken?
• Is bij producten waarbij 2 netwerkkabels moeten zijn aangesloten slechts 1 netwerkkabel aangesloten?
Werkwijze:
1. Selecteer in de parametergroep Apparaat > Bedrijf de parameter Ethernet-link diagnose via led en zet deze
op Aan.
☑ Blauwe led brandt (2 s aan en 250 ms uit): 2 netwerkkabels zijn aangesloten.
☑ Blauwe led knippert (2 s aan en 250 ms uit): 1 netwerkkabel is aangesloten.
☑ Blauwe led knippert niet: er is geen netwerkkabel aangesloten.
2. Controleer of bij producten waarbij de blauwe led niet knippert ook echt geen netwerkkabel moet zijn
aangesloten.
3. Controleer of bij producten waarbij de blauwe led knippert ook echt slechts 1 netwerkkabel moet zijn
aangesloten of hier 2 netwerkkabels zouden moeten zijn aangesloten.
12.10 Speedwire-communicatie via SMA Data Manager testen
Wanneer zich een SMA Data Manager in de installatie bevindt, kan het product door het knipperen van de rode led
signaleren of de Speedwire-communicatie optimaal functioneert. De diagnosefunctie moet via de gebruikersinterface
van de SMA Data Manager worden geactiveerd.
84
SHPxxx-21-BE-nl-10
SMA Solar Technology AG
1
2
Bedieningshandleiding