SMA Solar Technology AG
7.5
AC-kabels aansluiten
Voorwaarden:
☐ Een passende middenspanningstransformator moet aanwezig zijn. Bij SHP 100-21 is in functie van de ter plaatse
geldende normen en aansluitvoorwaarden een middenspanningstransformator niet verplicht.
Aanvullend vereist materiaal (niet bij de leveringsomvang inbegrepen):
☐ Beschermvet (alleen bij aders van aluminium)
Werkwijze:
1. Zorg ervoor dat de AC-leidingbeveiligingsschakelaar uitgeschakeld en tegen herinschakelen beveiligd is.
2. De kabel indien nodig inkorten.
3. Strip de kabels.
4. Strip de aders elk 30 mm.
5. Aanwezige kabelresten uit het product verwijderen.
6. Bij leidingen van aluminium: eventueel de aanwezige
oxidatielaag verwijderen en beschermvet op de leidingen
aanbrengen.
7. Sluit PE, L1, L2 en L3 volgens de aanduiding aan op de
aansluitklemmen. Steek hiervoor iedere leiding tot aan de
aanslag in de bijbehorende aansluitklem en draai de schroef van
de aansluitklem vast (SW 8, koppel bij leidingdoorsnede 50 mm²
tot 95 mm²: 20 Nm, koppel bij leidingdoorsnede 120 mm² tot
150 mm²: 30 Nm).
8. Zorg dat de aansluitklemmen met de juiste leidingen zijn bezet.
9. Controleer of alle leidingen goed vastzitten.
10. Draai de wartelmoer van de kabelschroefverbinding vast aan.
Zie hiervoor ook:
• Overspanningscategorie ⇒ pagina 31
Bedieningshandleiding
7 Elektrische aansluiting
2
1
SHPxxx-21-BE-nl-10
4x
35