Gebruikershandleiding
2.
Klik op Toestel > Energiebesparingsmodus.
3.
Schakel het selectievakje Energiebesparingsmodus inschakelen wanneer de batterij bijna leeg is in of uit.
4.
Als u het batterijniveau waarbij de energiebesparingsmodus wordt ingeschakeld wilt veranderen, wijzig dan het veld
Start wanneer de batterij een bepaald niveau heeft bereikt of zich onder een bepaald niveau bevindt.
5.
Druk op de toets
Het controleren van toepassingen in- of uitschakelen
Bij het controleren van toepassingen wordt u gewaarschuwd wanneer een toepassing te veel batterijvermogen gebruikt of
niet meer reageert. Om batterijvermogen te besparen, kunt u deze toepassingen sluiten of verwijderen.
1.
Klik in het beginscherm of in een map op het pictogram Opties.
2.
Klik op Toestel > Modus toepassingen controleren.
3.
Schakel het selectievakje Toepassingen controleren inschakelen in of uit.
> Opslaan.
Vermogen en batterij
311