nl
LAR 350
22.5 Justering – verticaal
Als er bij de verticale controle een overschrijding van de
(4)
tolerantie wordt vastgesteld, kan de laser als volgt worden
1.
bijgesteld.
Bij toepassing van de justeerfunctie moeten er
> 5 s
volle batterijen of accu's worden gebruikt!
2.
Zet de laser hiervoor met de verticale as in de richting van
de wand. Schakel de laser uit. Om naar de kalibratiemodus
te gaan, moet u eerst toets (4) ingedrukt houden (> 5 s).
Druk nu ook op de AAN/UIT-toets (3). Laat vervolgens toets
(4) los; de laserstraal gaat nu roteren en de blauwe (8) en
groene (9) leds knipperen snel.
Met de receiver wordt de hoogte gecontroleerd. De laser is
correct afgesteld, als de laserpunt zich precies midden tus-
sen
(17)
de beide punten 1 en 3 bevindt. Met toets (17) wordt de
SHIFT-inschakeling geactiveerd. Door het indrukken van
toets (21) en het tegelijkertijd draaien van de afstands-
bediening kan de laserpunt in hoogte worden versteld
totdat deze zich precies in het midden bevindt.
Kalibratie opslaan
De laser is nu opnieuw gekalibreerd. U kunt de instellingen
opslaan door op toets (4) te drukken. Als u de instelling
niet wilt opslaan, kunt u de justeermodus zonder opslaan
(21)
verlaten door op toets (3) van de laser te drukken.
De oude instelling blijft dan ongewijzigd behouden.
30