Afbeelding 6
Sensor selecteren
1
ENTER — Slaat de instelling op en gaat terug naar het
menu CONFIGUREREN.
2
ANNULEREN — Gaat terug naar het menu
CONFIGUREREN zonder op te slaan.
3
TOEVOEGEN — Voegt een sensor toe aan de selectie.
4
VERWIJDEREN — Verwijdert een sensor uit de selectie.
5
OMHOOG/OMLAAG — Verplaatst de sensoren omhoog
en omlaag.
2. Druk op
TOEVOEGEN
Er wordt een keuzelijst met alle leden van het
sc1000-netwerk geopend.
3. Druk op de vereiste sensor voor de RTC-module en bevestig
uw keuze door onder de keuzelijst op
De sensoren in een zwart lettertype zijn beschikbaar voor de
RTC-module.
De sensoren in een rood lettertype zijn niet beschikbaar voor
de RTC-module.
Opmerking: Sensoren gemarkeerd met (p) zijn beschikbaar voor
PROGNOSYS indien deze sensoren samen met een RTC zijn
geselecteerd (raadpleeg de gebruikershandleiding van
PROGNOSYS).
Parametrisering en bediening
(Afbeelding
6, item 3).
te drukken.
ENTER
27