9�5�2 Schakellogica voor de schakeluitgangen vastleggen �������������������������21 9�5�3 Demping voor het schakelsignaal vastleggen ������������������������������������21 9�5�4 Demping voor de analoge uitgang vastleggen �����������������������������������21 9�5�5 Nulpuntkalibratie ���������������������������������������������������������������������������������21 9�5�6 Alle parameters naar fabrieksinstelling terugzetten ����������������������������21 9�5�7 Kleurwisseling display vastleggen �����������������������������������������������������22 9�5�8 Grafische weergave kleurwisseling display ����������������������������������������23 9�6 Diagnosefuncties �����������������������������������������������������������������������������������������25 9�6�1 Aflezen van de min-/max-waarden voor systeemdruk ������������������������25 9�6�2 Aflezen van de overbelastingsmomenten �������������������������������������������26...
2 Veiligheidsaanwijzingen • Het beschreven apparaat wordt als deelcomponent in een systeem ingebouwd� - De veiligheid van het systeem is de verantwoordelijkheid van de maker� - De systeembouwer is verplicht een risicobeoordeling uit te voeren en daaruit een documentatie op te stellen en mee te leveren volgens de wettelijke gestandaardiseerde eisen voor de exploitant en de gebruiker van het systeem�...
3.1 Toepassing Druktype: relatieve druk Informatie over drukweerstand en barstdruk → datablad. Statische en dynamische overdrukken die de opgegeven drukvastheid overschrijden, moet door geschikte maatregelen worden tegengegaan� De opgegeven barstdruk mag niet worden overschreden� Al bij een kortstondige overschrijding van de barstdruk kan het apparaat worden beschadigd�...
Pagina 6
Uitzonderingen, zie de opmerking aan het begin van dit hoofdstuk� Toepassing Standaardtoepassingen� Aanduiding IODD Voorb� PN2094 Factory setting / (CMPT = 2): Op www�ifm�com in het downloadgedeelte van het betreffende artikel� Bedrijfsmodus 3 Beschrijving Hoge IO-Link proceswaarde- en parameterresolutie (apparaat specifiek: zie IODD die bij bedrijfsmodus hoort)�...
4.2 Communicatie, parametrering, analyse • Schakelsignaal voor systeemdrukgrenswaarde OUT1 (pen 4) • Communicatie via IO-Link • Schakelsignaal voor systeemdrukgrenswaarde OUT2 (pen 2) • Analoog signaal 4���20 mA / 0���10 V 4.3 Schakelfunctie OUTx wijzigt zijn schakeltoestand bij het over- of onderschrijden van de ingestelde schakelgrenzen (SPx, rPx)�...
4.4 Analoge functie OUT2 ingesteld op en analoge uitgang: • [ou2] legt vast of het ingestelde meetbereik op 4���20 mA ([ou2] = [I]) of op 0���10 V ([ou2] = [U]) wordt vastgelegd� • Analoog startpunt [ASP2] bepaalt bij welke meetwaarde het uitgangssignaal 4 mA of 0 V bedraagt�...
Verder is de communicatie via een punt-tot-punt-verbinding mogelijk met een USB-adapterkabel� De IODD's, gedetailleerde informatie over de procesgegevensstructuur, diagnose- informatie en parameteradressen, alsmede alle noodzakelijke informatie over de benodigde IO-Link-hardware en -software, die noodzakelijk zijn voor de configuratie van het apparaat, zijn beschikbaar op www�ifm�com�...
(Functie is alleen beschikbaar in de bedrijfsmodus [3])� Gedetailleerde informatie kunt u raadplegen in de PDF met apparaat specifieke IO Device Description PDF op www�ifm�com� 5 Montage Voor in- en uitbouw van het apparaat: controleren of de installatie drukvrij is�...
6 Elektrische aansluiting Het apparaat mag uitsluitend door een elektromonteur worden geïnstalleerd� Houdt u zich aan de nationale en internationale voorschriften voor het opzetten van elektrotechnische installaties� Voeding conform EN 50178, SELV, PELV� ► Installatie spanningsvrij schakelen� ► Apparaat op de onderstaande wijze aansluiten: Aderkleuren zwart OUT2...
7 Bedienings- en weergave-elementen 1 tot 8: Indicator-LED's LED 1 Schakeltoestand OUT1 (brandt wanneer uitgang 1 doorgeschakeld is)� LED 8 Schakeltoestand OUT2 (brandt wanneer uitgang 2 doorgeschakeld is)� LED 2 - 7 Systeemdruk in de aangegeven maateenheid (Aansluitpunten zijn apparaat specifiek)� 9: Toets Enter [●] - Selectie van de parameters en bevestigen van de parameterwaarden�...
8 Menu 8.1 Menustructuur: Hoofdmenu Grijs gekleurde menupunten bijv� [ FH1 ] zijn alleen na selectie van de toegewezen parameters actief� De menuparameter [CMPT] is niet in alle artikelen beschikbaar (→ 4.1)�...
8.2 Toelichting bij het menu 8.2.1 Toelichting bij het menuniveau 1 SPx / rPx Bovenste/onderste grenswaarde voor systeemdruk, waarbij de OUTx bij hysterese-instelling schakelt� Voorwaarde: Instelling OUTx is [Hno] of [Hnc]� FHx / FLx Bovenste/onderste grenswaarde voor systeemdruk, waarbij de OUTx bij venster-instelling schakelt�...
Actualiseringssnelheid en oriëntering van de indicatie� Selectie van de bedrijfsmodus De menuparameter [CMPT] is niet in alle artikelen beschikbaar CMPT (→ 4.1)� 9 Parametreren Tijdens het parametreren blijft het apparaat in de bedrijfsmodus� Het voert zijn bewakingsfuncties met de bestaande parameters verder uit tot de parametrering is afgelopen�...
Pagina 16
Parametrering beëindigen ► Zo vaak op [▲] of [▼] drukken tot de actuele meetwaarde wordt weergegeven of 30 s wachten� > Het apparaat keert terug in de weergave van de proceswaarden� Wordt [C�Loc] weergeven bij een poging een parameterwaarde te veranderen, dan is een parametreer proces via de IO-Link-communicatie actief (tijdelijke blokkering)�...
Pagina 17
Om te ontgrendelen: ► Controleren of het apparaat in de normale bedrijfsmodus is� ► [▲] + [▼] tegelijkertijd 10 s indrukken� > [uLoc] wordt weergegeven� 10 s Leveringstoestand: Niet vergrendeld� • Timeout: Wordt tijdens de instelling van een parameter 30 s lang op geen enkele toets gedrukt, dan gaat het apparaat met onveranderde waarde weer terug naar de bedrijfsmodus�...
9.2 Bedrijfsmodus vastleggen (optioneel) De menuparameter [CMPT] is niet in alle artikelen beschikbaar (→ 4.1)� ► [CMPT] selecteren en de gewenste bedrijfsmodus instellen - [2] = bedrijfsmodus 2 - [3] = bedrijfsmodus 3 Beschrijving van de bedrijfsmodi, zie (→ 4.1) Bij gebruik van de IO-Link moet een IODD worden gebruikt die overeenkomt met de bedrijfsmodus�...
9.4.4 Analoge waarde schalen ► [ASP2] kiezen en waarde instellen, waarbij 4 mA / 0 V wordt uitgevoerd� ► [AEP2] kiezen en waarde instellen, waarbij 20 mA / 10 V wordt uitgevoerd� Minimumafstand tussen ASP2 en AEP2 = 20% van de meetspanne (schaalfactor 5)�...
Bij dit apparaat moet de toewijzing van de parameters [dSx] en [drx] bij het schakel- resp� terugschakelpunt exact volgens de VDMA-richtlijn worden uitgevoerd! 9.5.2 Schakellogica voor de schakeluitgangen vastleggen ► [P-n] kiezen en [PnP] of [nPn] instellen� 9.5.3 Demping voor het schakelsignaal vastleggen ►...
9.5.8 Grafische weergave kleurwisseling display Display-kleurwisseling bij parameter [r1ou] / Display-kleurwisseling bij parameter [G1ou] [r2ou], modus hysteresefunctie / [G2ou], modus hysteresefunctie OUT1/ OUT1/ OUT2 OUT2 Meetwaarde > schakelpunt OUT1/OUT2; Meetwaarde > schakelpunt OUT1/ Display = rood OUT2;Display = groen Display-kleurwisseling bij parameter [r1ou] / Display-kleurwisseling bij parameter [G1ou] [r2ou], modus vensterfunctie / [G2ou], modus vensterfunctie...
Pagina 24
Weergave [r-12] / [G-12] alleen mogelijk bij [ou2] = schakeluitgang� Display-kleurwisseling bij parameter [r-12], Display-kleurwisseling bij parameter [G-12], modus hysteresefunctie modus hysteresefunctie OUT2 OUT2 OUT1 OUT1 Meetwaarde tussen OUT1 en OUT2; Meetwaarde tussen OUT1 en OUT2; Display = rood Display = groen Display-kleurwisseling bij parameter [r-12], Display-kleurwisseling bij parameter [G-12], modus vensterfunctie...
Display-kleurwisseling bij parameter [r-cF] Display-kleurwisseling bij parameter [G-cF] onafhankelijk van OUT1� onafhankelijk van OUT1� Meetwaarde tussen cFL en cFH;Display Meetwaarde tussen cFL en cFH;Display = = rood groen Kleurwisseling display groen Kleurwisseling display rood Meetbereikbeginwaarde Eindwaarde meetbereik Onderste grenswaarde (onafhankelijk van de uitgangsfunctie) Bovenste grenswaarde (onafhankelijk van de uitgangsfunctie) 9.6 Diagnosefuncties 9.6.1 Aflezen van de min-/max-waarden voor systeemdruk...
9.6.2 Aflezen van de overbelastingsmomenten • HIPC: Aantal overbelastingsmomenten HIPC telt hoe vaak de drempel HIPS werd overschreden�De overschrijding moet min� 0,5 ms duren� • HIPS: Instelling van de drempel voor de overbelastingteller� De parameters HIPC en HIPS zijn beschikbaar via de IO-Link- communicatie�...
Pagina 27
Fout / waarschuwing Hulp knippert knippert F Overstroom bij ► Schakeluitgangen controleren knippert schakeluitgang OUT1 op kortsluiting of overstroom; en OUT2 ** � Fout verhelpen� knippert F Overstroom ► Schakeluitgang OUT1 knippert schakeluitgang OUT1 controleren op kortsluiting of � overstroom; Fout verhelpen� knippert F Overstroom ►...
12 Fabrieksinstelling Fabrieksinstelling Gebruikersinstelling 25 % MEW* 23 % MEW* 75 % MEW* 73 % MEW* ASP2 (PN2x99: -996mbar) (PN2x69: -500mbar) AEP2 100% MEW* 0,06 bAr / mbAr coLr HIPS** CMPT (MEW) Meetbereikeindwaarde, (MAW) aanvangswaarde van het meetbereik Ingesteld is de opgegeven procentwaarde van de meetbereikeindwaarde (MEW) van de betreffende sensor in bar/mbar (bij PN2x69 en PN2x99 de procentwaarde van de meetspanne)�...