on/off
30s tot 20min
0s tot 60min
Blokkeren inactief
Blokkeren actief
inactief
actief
Theben AG
Nalooptijd
De nalooptijd is tussen 30 sec. en 20 min. instelbaar. De nalooptijd past zich zelf-
lerend aan het gedrag van de gebruiker aan. Hij kan zelf op max. 15 min. verhogen
of weer op de ingestelde minimumtijd verminderen. De nalooptijd verandert niet
zelflerend bij de instelling kleiner dan 2 min. of groter dan 15 min. De nalooptijd
geldt voor beide uitgangen licht samen.
Stand-by tijd
(Instelling slechts mogelijk indien constantlichtregeling actief is.)
Een geactiveerde stand-by-tijd brengt in regelwerking teweeg, dat de beide
lichtgroepen na de afloop van de nalooptijd op een minimum lichtsterkte worden
gedimd. De stand-by-tijd is tussen 0 sec. 60 min. instelbaar.
Met stand-by aan blijft de verlichting duurzaam op stand-by. Stijgt de lichtsterk-
te in de ruimte boven de normwaarde, dan schakelt de verlichting uit. Daalt de
lichtsterkte in de ruimte onder de normwaarde, schakelt de verlichting zelfstandig
zonder aanwezigheid weer op stand-by. Daarmee is een minimale verlichting bij
donkerheid gegarandeerd.
Uitgangen licht blokkeren
De beide uitgangen licht worden samen geblokkeerd, naar keuze met een AAN-
of UIT-telegram. Bij het begin van de blokkering kunnen de lichtuitgangen naar
c]mr]
f nYf \] ngd_]f\] dYYlkl] l]d]_jYee]f klmj]f2 99F$ MAL$ _]]f l]d]_jYe&
Gedurende de duur van de blokkering worden alle telegrammen onderdrukt. De
uitgangen licht worden d.m.v. een AAN- of UIT-telegram gedeblokkeerd, comple-
mentair aan het telegram bij het blokkeren. Na het deblokkeren zendt de melder
een actuele toestand of gaat verder met de constantlichtregeling.
De uitgang aanwezigheid is niet betrokken bij de blokkering van de uitgangen
licht. Hij beschikt over een eigen blokkeerfunctie. De uitgangen bewaking en
lichtsterkte zijn niet betrokken bij de blokkering van de uitgangen licht.
Omschakeling lichtsterktewaarde
Bij geactiveerde omschakeling van de lichtsterktewaarde kan d.m.v. een telegram
in actieve werking tussen twee normwaarden voor lichtsterkte worden omgescha-
keld. Een AAN-telegram naar het betreffende object schakelt naar de alternatieve
normwaarde voor de lichtsterkte, een UIT-telegram schakelt terug naar de oor-
spronkelijke waarde. Dit geldt zowel voor schakelen als ook voor de constantlicht-
regeling. Daarmee kan bijvoorbeeld een dag- en nachtwerking met twee verschil-
lende lichtsterkteniveaus worden gerealiseerd.
Gedrag bij het begin van de regeling
(enkel bij geactiveerde constantlichtregeling)
Afhankelijk van de configuratie van de schakel-/dimactor kan de constantlichtre-
geling met een waardetelegram of een AAN-telegram worden gestart. Standaard-
matig wordt ze met een waardetelegram gestart, de verlichting dimt met de in de
actor geparametreerde tijd op de normwaarde van de lichtsterkte.
Wordt de regeling met een AAN-telegram gestart, dan springt (dimt) de actor op
zijn geparametreerde inschakelwaarde en begint de regeling vanaf deze waarde.
Opmerking: Let a.u.b. op het hoofdstuk 3.6 Configuratie van de schakel-/dim-
actoren.
Pagina 17
Toepassingsbeschrijving compact office EIB
Technische veranderingen en drukfouten voorbehouden