Nadat het actualiseren van de software is afgesloten, schakelt de inverter over naar de
startup-fase en vervolgens naar het leveren van energie aan het stroomnet.
Bij het actualiseren van de invertersoftware blijven individuele instellingen in het Setup-
menu behouden.
De aangesloten USB-stick kan vervolgens voor het registreren van logging-data worden
gebruikt.
Logging-interval
Activeren / deactiveren van de logging-functie, evenals opgave van een logging-interval
Eenheid
Instelbereik
Fabrieksinstelling
30 min
20 min
15 min
10 min
5 min
No Log (Geen logboek) Geen opslag van data
BELANGRIJK! Voor een onberispelijke logging-functie moet de tijd correct zijn ingesteld.
Relais
Relais activeren, relaisinstellingen, relaistest
Instelbereik
*
Relaismodus
voor het kiezen van verschillende functies van potentiaalvrije schakelcontacten in de da-
tacommunicatieomgeving:
-
-
-
Instelbereik
Fabrieksinstelling
Alarmfunctie:
Permanent / ALL: (Per-
manent / ALLE:)
Minuten
30 min / 20 min / 15 min / 10 min / 5 min / No Log (Geen log-
boek)
30 min
De logging-interval bedraagt 30 minuten; elke 30 minuten wor-
den nieuwe logging-data op de USB-stick opgeslagen.
De logging-interval bedraagt 5 minuten; elke 5 minuten worden
nieuwe logging-data op de USB-stick opgeslagen.
Relaismodus / Relaistest / Inschakelpunt* / Uitschakelpunt*
worden alleen weergegeven als onder 'Signaalmodus' de functie 'E-Manager' is
geactiveerd.
Alarmfunctie
Actieve uitgang
Energie Manager
ALL / Permanent / OFF / ON / E-Manager (ALLE / Permanent /
UIT / AAN / E-manager)
ALL (ALLE)
Schakelen van het potentiaalvrije schakelcontact bij permanen-
te en tijdelijke servicecodes (bijvoorbeeld korte onderbreking
van de levering aan het net, een servicecode treedt vaker dan
50 x per dag op)
125