Pos.
Aanduiding
(1)
schakelbare, multifunctionele stroominterface
(bijv. voor vermogensreductiefunctie, interface voor teller, meetingang, enz.)
Meetingang:
max. 20 mA, 100 Ohm meetweerstand
"Voedingsspanning":
max. 15 mA of 16 V DC
Voor de aansluiting op de multifunctionele stroominterface de 2-polige contra-
stekker, die bij de inverter werd geleverd, gebruiken.
De multifunctionele stroominterface wordt nog niet door de software onder-
steund.
(2)
Aansluiting Solar Net IN
(3)
Aansluiting Solar Net OUT
'Fronius Solar Net'-ingang en -uitgang, voor de verbinding met andere DATCOM-
componenten (inverter, Sensor Box, enz.)
Bij een koppeling van meerdere DATCOM-componenten moet op elke vrije IN- of
OUT-aansluiting van een DATCOM-component een eindstekker zijn aangeslo-
ten.
Bij inverters met Fronius Datamanager-insteekkaart worden 2 eindstekkers bij de
inverter meegeleverd.
(4)
LED 'Solar Net-communicatie'
geeft aan of voeding voor het Solar Net ter beschikking staat
(5)
LED 'Dataoverdracht'
knippert bij het opslaan van de logging-data. Gedurende deze tijd mag de USB-
stick niet worden verwijderd.
(6)
USB A-bus
voor het aansluiten van een USB-stick met maximale afmetingen van
65 x 30 mm
De USB-stick kan als datalogger voor een inverter fungeren. De USB-stick wordt
niet met de inverter meegeleverd.
(7)
potentiaalvrij schakelcontact met contrastekker
max. 250 V AC / 30 V DC
max. 4 A AC / 1 A DC
max. 1,5 mm² kabeldoorsnede
Pin 1 = Openercontact (Gewoonlijk gesloten)
Pin 2 = Wortel (Gemeenschappelijk)
Pin 3 = Sluitercontact (Gewoonlijk open)
(Pinnen van boven naar beneden)
Voor het aansluiten op het potentiaalvrije schakelcontact de met de inverter mee-
geleverde contrastekker gebruiken.
(8)
Fronius Datamanager met WLAN-antenne
of
deksel voor vak optionele kaarten
(9)
Deksel voor vak optionele kaarten
111