5.
VOOR EEN OPTIMAAL GEBRUIK
5-1 Draai de spanning uit als de unit lang niet
gebruikt wordt.
Het apparaat verbruikt een paar watt tot enkele tientallen watt
als de stroomvoorziening is ingeschakeld (zie opmerking).
Om beschadiging van de machineonderdelen te voorkomen,
moet u de stroom minimaal 6 uur van tevoren inschakelen
wanneer u de werking van het apparaat wilt hervatten.
Opmerking: Het stroomverbruik van het apparaat varieert
afhankelijk van diverse factoren, zoals het condensatie-unit model.
5-2 Plaats een alarm als foutieve werking
een verslechtering van de kwaliteit van
de opgeslagen artikelen kan veroorzaken.
Het apparaat is voorzien van een aansluiting voor de uitvoer
van een alarmsignaal.
Als het systeem foutief functioneert en er geen alarm is, zal
de werking van het apparaat langdurig onderbroken worden en
kan dit mogelijk een nadelige invloed hebben op de kwaliteit
van de opgeslagen artikelen.
De installatie van een alarm wordt aanbevolen om ervoor te
zorgen dat u in dergelijke gevallen meteen maatregelen kunt
treffen.
Neem voor nadere bijzonderheden contact op met uw dealer.
6.
VERZORGING EN REINIGING
Stop de werking van het apparaat met de bedrijfsschakelaar
en schakel de stroomvoorziening uit (d.w.z. schakel de
aardlekschakelaar uit) voordat u begint met onderhoud
aan het apparaat.
VOORZORGSMAATREGELEN
Raak bij het schoonmaken van het apparaat de aluminium
vin niet rechtstreeks aan.
Dit kan resulteren in letsel.
Was de condensatie-unit niet met water af, aangezien dit
elektrische schokken of brand kan veroorzaken.
Schakel de unit uit voordat u hem schoonmaakt en trek
de stekker uit het stopcontact.
Dit om gevaar op elektrische schokken en verwondingen te
voorkomen.
•
Vraag uw dealer om regelmatig de warmtewisselaar te reinigen.
7.
STORINGEN VERHELPEN
7-1 De volgende gevallen duiden niet op
een foutieve werking.
1. Het apparaat werkt niet.
•
Het apparaat wordt meteen gestart nadat het is stopgezet.
Het apparaat is zo ingesteld dat er geen te zware belasting
op de machineonderdelen wordt uitgeoefend. Het apparaat
zal na 1 tot 5 minuten starten.
•
Het apparaat is pas ingeschakeld.
De microprocessor heeft enige tijd nodig voordat deze
bedrijfsklaar is.
Wacht ongeveer twee minuten.
2. Het apparaat stopt niet.
•
De bedrijfsschakelaar werd al een tijdje uitgezet.
Het apparaat werkt nog een tijdje voordat dit stopt om de
machineonderdelen te beschermen. Het apparaat stopt
nadat de werking is voltooid.
LREQ5~20B7Y1
Condensatie-unit met luchtgekoelde koeling
4PW74303-1 – 2012.06
UIT
3. De unit maakt lawaai.
•
Wanneer het apparaat in de koel staat, is er continu
een laag sisgeluid hoorbaar.
Dit is het geluid van het gas (koelmiddel) dat door
de condensatie-unit stroomt.
•
Het apparaat maakt een sisgeluid meteen nadat het apparaat
begint te werken of is stopgezet.
Dit is het geluid van het stromende gas (koelmiddel).
•
Het apparaat maakt een ratelend geluid wanneer het
herhaaldelijk wordt gestart en gestopt.
Dit is het geluid van het gas (koelmiddel) dat door
de condensatie-unit stroomt.
4. De buitenventilator draait niet.
•
Het apparaat is in bedrijf.
De ventilator staat onder toerentalbesturing om een optimale
werking van het apparaat te garanderen.
5. De compressor van de buitenunit en de buitenventilator
stoppen niet.
•
Dit verschijnsel treedt op nadat het apparaat is gestopt.
De compressor en de buitenventilator blijven werken om
vasthouding van koelmiddelolie en koelmiddel te voorkomen.
Ze zullen na ongeveer 5 tot 10 minuten stoppen.
7-2 Controles vooraleer een onderhoud of
reparatie te vragen.
1. Het apparaat werkt helemaal niet.
•
Is de zekering voor de stroomvoorziening doorgebrand?
Schakel het apparaat uit. (Neem contact op met uw dealer voor
het vervangen van de zekering voor de stroomvoorziening.)
•
Is de stroomonderbreker niet uitgeschakeld?
Schakel de stroom in als de knop van de stroomonderbreker
in de OFF (UIT) stand staat.
Schakel de stroom niet in als de knop van de stroomonderbreker
in de uitschakelpositie staat. (Neem contact op met uw dealer.)
Vermogensschakelaar
(aardlekschakelaar)
•
Is de stroom uitgevallen?
Wacht totdat de stroomvoorziening is hersteld. Als tijdens de
werking van het apparaat de stroom uitvalt, zal het systeem
automatisch herstarten meteen nadat de stroomvoorziening
is hersteld.
•
Zijn alle stroomvoorzieningen ingeschakeld?
Schakel ze indien nodig in.
2. Het apparaat stopt even nadat de werking is gestart.
•
Zijn er obstakels die de luchtinlaat of -uitlaat van de buitenunit
of de binnenunit blokkeren?
Verwijder de obstakels.
3. De koelwerking van het apparaat is slecht.
•
Heeft de binnenunit (unitkoeler en ombouw) niet te veel ijsaanslag?
Ontdooi handmatig of verkort de cyclus van de ontdooiwerking.
•
Zijn er niet te veel artikelen in de opslag?
Verminder het aantal artikelen.
•
Is de circulatie van koude lucht in de binnenunit (unitkoeler
en ombouw) in orde?
Verander de plaats van de artikelen.
•
Is er niet te veel stof op de warmtewisselaar van de buitenunit?
Verwijder het stof met een borstel of stofzuiger zonder water te
gebruiken of neem contact op met uw dealer.
•
Lekt er koude lucht naar buiten?
Stop de lekkage van koude lucht.
•
Staat de temperatuur van de binnenunit (unitkoeler
en ombouw) niet te hoog ingesteld?
Stel de temperatuur correct in.
•
Zijn er artikelen met een hoge temperatuur opgeslagen?
Sla de artikelen op nadat ze voldoende zijn afgekoeld.
•
Heeft de deur niet te lang opengestaan?
Verminder de tijd dat de deur openstaat.
ON
Schakelaar
Uitschakelpositie
OFF
Gebruiksaanwijzing
4