Schachtmaten
▶ Controleer of de toegelaten schachtmaten aanwezig zijn.
a
Afb. 4
Rechthoekige en ronde doorsnede
Rookgastoebe-
a
min
horen
Ø 60 mm
100 mm
Ø 80 mm
120 mm
Ø 80/125 mm
180 mm
Tabel 6 Toegelaten schachtmaten
Reinigen van bestaande schachten en schoorstenen
• Wanneer de rookgasafvoer in een naverluchte schacht loopt
( afbeeldingen 7, 8 en 10), is geen reiniging nodig.
• Wanneer de verbrandingsluchttoevoer door de schacht in tegen-
stroom plaatsvindt ( afb. 11), moet de schacht worden gereinigd.
Gebruik tot nu toe
Ventilatieschacht
Rookgasafvoer bij gasverbran-
ding
Rookgasafvoer bij olie of vaste
brandstof
Tabel 7 Vereiste reinigingswerkzaamheden
Om het sealen van de oppervlakken te voorkomen:
▶ Kies een open bedrijfsmodus.
-of-
▶ Zuig de verbrandingslucht met een concentrische buis in de schacht
aan of via een afzonderlijke buis.
Condens 2300i W – 6720891989 (2018/11)
D
0010002732-002
a
D
D
max
min
max
220 mm
100 mm
300 mm
300 mm
120 mm
300 mm
300 mm
200 mm
380 mm
Vereiste reiniging
Mechanische reiniging
Mechanische reiniging
Mechanische reiniging: sealen van
het oppervlak, om uitwaseming van
de verbrandingsresten uit het met-
selwerk (bijvoorbeeld zwavel) in de
verbrandingslucht te voorkomen
4.2.4
Verticale rookgasafvoer
Uitbreiding met rookgastoebehoren
Het rookgastoebehoren "luchttoevoer-/rookgasafvoersysteem verticaal"
kan met het rookgastoebehoren "concentrische buis", "concentrische
bocht" of "inspectieopening" worden uitgebreid.
Rookgasafvoer op het dak
Een afstand van 0,4 m tussen de uitmonding van de rookgastoebehoren
en het dakoppervlak is voldoende, omdat het nominale warmtevermo-
gen van de genoemde ketel minder is dan 50 kW.
Opstellingsplaats en lucht-/rookgasafvoersysteem
• Opstelling van de ketels in een ruimte, waarbij zich boven het plafond
alleen de dakconstructie bevindt:
– Wanneer voor het plafond een brandweerstandsduur wordt ver-
eist, moet de leiding voor verbrandingsluchttoevoer en rookgas-
afvoer tussen de bovenkant van het plafond en de dakhuid een
bekleding hebben met dezelfde brandweerstandsklasse.
– Wanneer voor het plafond geen brandweerstandsduur wordt ver-
eist, dan moeten de leiding voor verbrandingsluchttoevoer en
rookgasafvoer van de bovenkant van het plafond tot de dakhuid in
een schacht van niet-brandbaar, vormvast bouwstof worden op-
genomen of in een metalen beschermbuis (mechanische be-
scherming).
• Wanneer door de luchttoevoer/rookgasafvoer in het gebouw verdie-
pingen worden overbrugd, moet deze buiten de opstellingsruimte in
een schacht worden geïnstalleerd. De schacht moet een brandvertra-
ging van minimaal 90 minuten hebben, bij woongebouwen van gerin-
ge hoogte minimaal 30 minuten.
Afstandsmaten op het dak
Voor het respecteren van de minimale afstanden op het dak kan de bui-
tenste buis van de dakdoorvoer met rookgastoebehoren "mantelverleng-
buis" met maximaal 500 mm worden verlengd.
Afb. 5
Afstandsmaten bij plat dak
Brandbare bouwstoffen Niet brandbare bouwstoffen
x
≥ 1500 mm
Tabel 8 Afstandsmaten bij plat dak
Rookgasafvoer
X
6 720 612 662-16.1O
≥ 500 mm
11