GEBRUIK EN WERKING
Belangrijk
-
Bij het eerste gebruik van de robot wordt aanbevolen om de volledige handleiding door te lezen en om
te controleren of alles, en vooral de informatie in verband met de veiligheid, werd begrepen.
-
Gebruik de robot enkel voor het gebruik dat wordt voorzien door de constructeur, en forceer geen enkel
mechanisme om andere prestaties te verkrijgen.
-
Gebruik de robot en zijn randapparatuur niet in geval van slechte weersomstandigheden, en vooral niet
wanneer gevaar voor bliksem aanwezig is.
BESCHRIJVING VAN HET BEDIENINGSPANEEL EN OVERZICHT VAN DE MENU'S
De afbeelding toont de positie en de fucntie van de bediening van de machine.
STOP.
Indrukken om de maaier in veiligheid te stellen.
STOP
Gebruiken in geval van dreigend gevaar en om de
onderhoudshandelingen van de robot uit te voeren.
Indrukken om de robot in of uit te schakelen.
Activeert of deactiveert de automatische werking.
Wanneer de automatische werking is geactiveerd, is
de robot geprogrammeerd voor de werking volgens
de programmering die is beschreven op de volgende
pagina's.
AUTO
Uit: handmatige werking.
Vast aan : automatische werking.
Laadniveau batterij.
Werkingsfout.
"PROBLEEMOPLOSSING"
Robot in laadstation (Led AUTO uit)
Indrukken om een handmatige cyclus te starten. Als de batterij voldoende is opgeladen en de led AUTO uit is, begint
de robot een werkcyclus. Nadat de werkcyclus is uitgevoerd, keert de robot terug naar het laadstation.
Robot in tuin
Wanneer de robot in beweging is, kan hiermee het maaien onderbroken worden; de robot wordt in stand-by gesteld.
Wanneer de robot in Stand-by is gesteld, kan het maaien hervat worden.
Terugkeer naar het laadstation, en hervatting van de automatische of handmatige werking afhankelijk van de status
van de led "AUTO".
VERPLICHTINGEN VOOR HET GEBRUIK
Raadpleeg
het
hoofdstuk
auto
auto
21
start
on
home
pause
off
alert
Gebruiksvoorschriften
NL