5.3 Instelling van de druk bij de spuitstukken
De ketel moet in bedrijf gesteld worden na controle van de
punten aangegeven in het hoofdstuk: Inbedrijfname.
5.4 Regeling versie 20/25 mbar
Drukregeling - 2de trap
- Sluit een manometer aan op het drukmeetpunt.
Zie: Instelling van de druk bij de spuitstukken.
- De ketel in 2e trap laten draaien door middel van de
ketelthermostaat instellingen.
- Stel de druk bij de spuitstukken als volgt af:
- Draai de schroef met cilindrische sleufkop C ongeveer een
volledige slag los.
- Schroef de regelknop D volledig los (tegen de wijzers van de klok
in).
- Draai de schroef vast C.
- Regel de druk aan de spuitstukken d.m.v. de schroef van regelaar
B.
- Door de ring naar rechts te draaien, verhoogt u het hoofddebiet en
door de ring naar links te draaien, verlaagt u het hoofddebiet.
Als de schroef B geblokkeerd wordt voordat de gewenste druk
bereikt werd, dient u B met een kwartslag terug te draaien, en
gaat u verder met de afstelling door regelknop D te verdraaien,
nadat de regelschroef C is losgedraaid.
Op propaan, wordt de regelschroef B volledig ingedraaid.
27/09/07 - 94858282 - 8514-4075D
Drukregeling - 1ste trap
- De ketel in 1ste trap laten werken d.m.v. de branderschakelaar op
het bedieningspaneel van de ketel.
- Regel het debiet zodat de druk aan de verstuivers overeenstemt
met de gewenste waarde (0.5 x druk - Gedragswijze 2)
Zie: Afsteldruk en markering gekalibreerde spuitstukken.
- Regel het debiet 1e trap met de ring E.
Door de ring naar rechts te draaien, verhoogt u het hoofddebiet en
door de ring naar links te draaien, verlaagt u het hoofddebiet.
- Span de blokkeerschroef C weer vast
GSR 330 N
15