11. Sluit alle ontluchtingskleppen.
12. Houd de stijgende vuldruk in de CV-installatie in het
oog.
13. Vul water bij tot de vereiste vuldruk bereikt is.
14. Sluit de vul- en aftapkraan en de koudwaterkraan.
Aanwijzing
Beide afsluitkleppen moeten tijdens het be-
drijf van het CV-systeem gesloten zijn.
15. Controleer alle aansluitingen en het volledige systeem
op lekkages.
7.9
CV-installatie ontluchten
1.
Kies het controleprogramma P.00.
◁
Het product treedt niet in werking, de interne pomp
loopt intermitterend en ontlucht naar keuze het CV-
circuit of het warmwatercircuit.
◁
Het display toont de vuldruk van de CV-installatie.
2.
Controleer of de vuldruk van de CV-installatie niet on-
der de min. vuldruk daalt.
–
≥ 0,08 MPa (≥ 0,80 bar)
◁
Na het beëindigen van de vulprocedure moet de
vuldruk van de CV-installatie minstens 0,02 MPa
(0,2 bar) boven de tegendruk van het expansievat
(ADG) liggen (P
installatie
3.
Als zich na het beëindigen van het controleprogramma
P.00 nog teveel lucht in de CV-installatie bevindt, start
het controleprogramma dan opnieuw.
7.10
Warmwatersysteem vullen en ontluchten
1.
Open de koudwaterstopkraan aan het product.
2.
Vul het warmwatercircuit door alle warmwatertappunten
te openen tot er water uit komt.
7.11
Sifonbeker vullen
Geldigheid: VHR 25-35/5‑7 (N-NL) ecoTEC exclusive
1.
Haal het onderste sifondeel (1) eraf.
0020196927_01 ecoTEC exclusive Installatie- en onderhoudshandleiding
≥ P
+ 0,02 MPa (0,2 bar)).
ADG
1
2.
Vul het onderste deel van de sifon tot 10 mm onder de
bovenkant met water.
3.
Bevestig het onderste sifondeel aan de sifonbeker.
7.12
Sifonbeker vullen
Geldigheid: VHR 35-45/5‑7 (N-NL) ecoTEC exclusive
A
1.
Vul de stop uit de aansluiting van de sifonbeker.
2.
Verwijder het meegeleverde onderste gedeelte van de
sifonbeker.
3.
Voorzie de O-ring van het onderste deel van het mee-
geleverde vet.
4.
Vul het onderste deel voor twee derde met water.
5.
Monteer het onderste sifondeel van de sifonbeker
door het onderste deel erop te steken en rechtsom te
draaien tot het vastklikt.
7.13
Eerste ingebruikneming uitvoeren
Het product beschikt over een gasadaptieve warmtecel, die
zich zelfstandig op de desbetreffende gassoort instelt. Wij
raden aan de warmtecel aan de hand van de volgende stap-
pen in bedrijf te nemen. De warmtecel wordt door middel
van kalibratie gereed gemaakt voor gebruik. De kalibratie is
ook voorwaarde voor juiste metingen van gasstroomdruk en
CO₂-gehalte.
–
Wissen van aanwezige kalibratiewaarden
–
Kalibratie in maximaalbedrijf
–
Kalibratie in minimaalbedrijf
▶
Monteer de frontmantel.
▶
Zorg voor voldoende CV-watercirculatie.
▶
Navigeer naar het Menu → Installateurniveau → Con-
troleprogramma's en bevestig met
▶
Start het testprogramma P.04.
◁
Bestaande kalibratiepunten worden gewist. Het
display geeft aan dat deze succesvol zijn gewist.
▶
Start het testprogramma P.01.
Ingebruikname 7
B
C
.
19