Verlaat de tractor nooit als de maaimessen nog draaien!!!;
Werk alleen bij voldoende zicht op de maaimachine (doe
eventueel de achter verlichting van de tractor aan).
3. Ingebruikname / Bedieningsvoorschrift___________
Voordat de maaier mechanisch aan de machine gekoppeld wordt,
dient men eerst na te gaan of;
De machine voldoende capaciteit bezit om in alle voorkomende
situaties;
De te borgen aansluitpunten op de maaier overeenkomen met
de aansluitpunten van de machine;
Controleer of de aftakas in de hoogste en in de laagste stand
van de hefinrichting niets raakt;
Draag zorg voor de goede werking van de kettingafscherming
aan de achterkant in verband met gevaar voor uitwerpingen van
harde delen, zoals steentjes e.d. Ontwar eventueel de
kettingschalmen;
De machine van voldoende scherpe messen is voorzien;
Voldoende scherpe messen garanderen een goed resultaat;
Controleer de cardankoppeling op de goede borging en
voldoende overlap (15 cm) heeft;
Zorg dat de aftakas en de aftakas-beschermingen in goede staat
zijn. Tracht het aftakastoerental van 540 omw/min. te
handhaven. De aftakas-beschermingshoes mag niet
meedraaien!!! (gebruik de kettingbevestiging!!!);
7
www.boxeragri.nl