ELEKTRISCHE AANSLUITINGEN
4
4.10.4 Ex i ingangen/uitgangen
GEVAAR!
Voor toestellen die in gevaarlijke gebieden worden gebruikt gelden aanvullende
veiligheidsvoorschriften; zie de Ex-documentatie.
INFORMATIE!
Voor verdere informatie zie Beschrijving van de ingangen en uitgangen op blz. 30
Stroomuitgang actief (alleen stroomuitgangsklemmen C/C- hebben HART
mogelijkheid), Ex i I/O's
• Neem de aansluitpolariteit in acht.
• U
int, nom
• I ≤ 22 mA
≤ 400 Ω
• R
L
• X geeft de aansluitklemmen A of C aan, afhankelijk van de versie van de signaalomvormer.
Figuur 4-17: Stroomuitgang actief I
Stroomuitgang passief (alleen stroomuitgangsklemmen C/C- hebben HART
mogelijkheid), Ex i-I/O's
• Willekeurige aansluitpolariteit.
≤ 30 VDC
• U
ext
• I ≤ 22 mA
≥ 4 V
• U
0
≤ (U
• R
L
• X geeft de aansluitklemmen A of C aan, afhankelijk van de versie van de signaalomvormer.
Figuur 4-18: Stroomuitgang passief I
46
= 21 VDC
Ex i
a
- U
) / I
ext
0
max
Ex i
p
www.krohne.com
MFC 400
.
®
-
®
-
10/2016 - 4005498001 - MA MFC 400 R04 nl