In geval van problemen
Nuttige adviezen
Probleem
U heeft een
koude neus.
U heeft een
loopneus.
U heeft een
uitgedroogde of
geïrriteerde neus
of keel.
Pijn in de neus,
de bijholtes of
de oren.
Huidirritatie bij
contact met het
masker.
Droge of
geïrriteerde
ogen.
De aangevoerde
lucht is te warm.
Terugkeer van
de symptomen
van het slaap
apneu
syndroom.
S.Box Duo S en S.Box Duo ST
Mogelijke oorzaak
De kamertemperatuur is te
laag.
De afgegeven lucht is te
koud.
Reactie op het luchtdebiet
en de drukniveaus.
De lucht is te droog.
Geen water in de
bevochtigingskamer
(indien aangebracht).
Infectie van de bijholtes of
verstopte neus.
Te strak afgestelde
hoofdbandheadgear of
onjuiste maat van het
masker.
Allergische reactie met de
componenten van het
masker.
Er ontsnapt lucht rondom
het masker.
De luchtinlaatfilters
kunnen vuil zijn.
De luchtinlaat is verstopt.
De kamertemperatuur is te
hoog.
Het apparaat is niet op de
juiste druk afgesteld of
werkt niet correct.
Uw lichaamsconditie of de
druk die nodig is voor de
behandeling, is gewijzigd.
Suggestie
Verhoog de kamertemperatuur.
Vraag aan uw thuiszorg leverancier om u te
voorzien van een S.Box verwarmde slang met ATC.
Neem contact op met het medisch-technische
team of uw huisarts.
Gebruik de bevochtiger als het apparaat ervan
voorzien is. Verhoog het bevochtigingsniveau (zie
paragraaf "Hoe kunt u het apparaat instellen?"
pagina 16).
Controleer het waterpeil in de bevochtigingskamer.
Indien nodig, vul het aan (zie paragraaf "Vullen van
de bevochtigingskamer (indien aanwezig)" pagina
11).
Neem onmiddellijk contact op met uw huisarts.
Pas de spanning van de hoofdband aan. Vraag uw
huisarts of thuiszorg leverancier of u de diverse
maten maskers kunt passen.
Gebruik het masker niet meer. Neem contact op
met uw huisarts of de thuiszorg leverancier.
Breng het masker opnieuw aan. Vraag uw huisarts
of thuiszorg leverancier of u de diverse maten
maskers kunt passen.
Reinig of vervang de luchtinlaatfilters (zie paragraaf
"Reiniging en onderhoud" pagina 29).
Houd linnengoed of kleding op afstand van het
apparaat.
Verlaag de kamertemperatuur. Controleer of het
apparaat zich op voldoende afstand van de
warmtebronnen bevindt. Ontkoppel de verwarmde
slang met ATC (indien geïnstalleerd).
Vraag uw thuiszorg leverancier de werking van het
apparaat te controleren.
Neem contact op met uw huisarts.
31
In geval van problemen