Code
Soort Betekenis
9L
234
3
De contacten van het gasregelblok zijn onder-
broken.
9H
237
3
De besturingsunit of de HCM is defect.
9H
267
9H
272
9L
238
3
De besturingsunit of het gasregelblok is de-
fect.
9P
239
3
De besturingsunit of de HCM is defect.
3
9U
233
De besturingsunit of de HCM is defect.
3
C0
288
De waterdruk is te hoog of de contacten van
de druksensor zijn onderbroken.
C0
289
3
De contacten van de druksensor zijn kortge-
sloten.
CA
286
3
De retourtemperatuursensor heeft een cv-re-
tourtemperatuur gemeten die hoger is dan
105 °C.
CU
240
3
De contacten van de retourtemperatuursen-
sor zijn kortgesloten.
CY
241
3
De contacten van de retourtemperatuursen-
sor zijn onderbroken.
TrendLine • 6720882262 (2021/03)
Bedrijfs- en storingsmeldingen | 11
Oplossing
▶ Controleer de bekabeling op slechte contacten, breuken en beknellingen.
Indien aanwezig: controleer de werking van het cv-toestel door de toestel-
thermostaten (bv. maximaal-, rookgas of branderthermostaat) 1 voor 1
door te verbinden.
▶ Verwijder direct na controle de doorverbinding en vervang indien nodig de
betreffende toestelthermostaat.
▶ Controleer de bekabeling en de connector van het gasregelblok.
▶ Controleer de werking van het cv-toestel door het gasregelblok te vervan-
gen.
▶ Controleer de connectors en de bekabeling van de besturingsunit.
▶ Controleer de werking van het cv-toestel door de besturingsunit te vervan-
gen.
▶ Controleer de connectors en de bekabeling van de besturingsunit.
▶ Controleer de werking van het cv-toestel door de besturingsunit te vervan-
gen.
▶ Controleer de connectors en de bekabeling van de besturingsunit.
▶ Controleer de werking van het cv-toestel door de besturingsunit te vervan-
gen.
▶ Controleer de connectors en de bekabeling van het gasregelblok.
▶ Controleer de werking van het cv-toestel door het gasregelblok te vervan-
gen.
▶ Controleer de connectors en de bekabeling van de besturingsunit.
▶ Controleer de werking van het cv-toestel door de besturingsunit te vervan-
gen.
▶ Controleer of de HCM juist is geplaatst in de besturingsunit.
▶ Controleer de connectors en de bekabeling van de besturingsunit.
▶ Controleer de werking van het cv-toestel door de besturingsunit te vervan-
gen.
▶ Controleer de cv-waterdruk (< 3 bar).
▶ Controleer de connector van de druksensor.
▶ Controleer de werking van het cv-toestel door de druksensor te vervan-
gen.
▶ Controleer de cv-waterdruk en ontlucht de cv-installatie en het cv-toestel.
▶ Controleer of er voldoende stroming over de cv-installatie mogelijk is.
▶ Controleer de bekabeling en de connector van de retourtemperatuursen-
sor.
▶ Controleer de werking van het cv-toestel door de retourtemperatuursen-
sor te vervangen.
39