Condumax CLS16B
4
Montage
4.1
Montagevoorwaarden
‣
Een eenvoudig reinigbare installatie van uitrusting conform de criteria van de EHEDG moet
vrij zijn van dode ruimten.
‣
Wanneer een dode ruimte niet te vermijden is, moet deze zo kort mogelijk worden
gehouden. In geen geval mag de lengte van de dode ruimte L groter zijn dan de
binnendiameter D van de leiding minus de omhullingsdiameter d van de uitrusting. De
voorwaarde L ≤ D – d geldt.
‣
Verder moet de dode ruimte zelflozend zijn, zodat product of procesvloeistoffen hier niet in
achter kunnen blijven.
‣
Binnen tankinstallaties, moet de reinigingsinstallatie zodanig worden aangebracht dat de
dode ruimte direct wordt gespoeld.
‣
Zie voor meer informatie de aanbevelingen voor wat betreft de hygiënische afdichtingen en
installaties in EHEDG Doc. 10 en het paper: "Eenvoudig reinigbare leidingkoppelingen en
procesaansluitingen".
4.2
Montage van de sensor
De sensoren worden direct met de procesaansluiting geïnstalleerd.
‣
Let op de doorstroomrichting bij de installatie in leidingen.
1
Toegestane doorstroomrichting
1.
Waarborg dat de elektrodes volledig zijn ondergedompeld in het medium tijdens de
meting.
2.
Wanneer de sensor in het ultrapure waterbereik wordt gebruikt, moet u werken onder
lucht geëvacueerde omstandigheden.
Anders kan de CO
de geleidbaarheid met tot 3 µS/cm verhogen.
Endress+Hauser
A0024198
in de lucht oplossen in het water en de (zwakke) dissociatie kan
2
2
Verkeerde doorstroomrichting
Montage
A0024197
7