Sensepoint XCD Technisch Handboek
SPXCDHMANDT Uitgave 8
11 Algemeen onderhoud
WAARSCHUWINGEN
Bij het uitvoeren van werkzaamheden mag alleen opgeleid personeel de zender openen.
Let op als u de Sensepoint XCD insteeksensorpatroon uit de sensorbus haalt of weer in de
sensorbus plaatst, zodat de aansluitpennen niet beschadigd raken.
Voordat werkzaamheden worden uitgevoerd, moet men steeds nagaan of alle lokale regels en
procedures van de locatie zijn gevolgd. De geldende normen moeten worden gevolgd om de
algemene certificatie van de sensor en de zender te behouden.
Om het risico van ontsteking in gevaarlijke atmosferen te verminderen, declassificeert u de
zone of koppelt u de apparatuur los van de voeding voordat u de zenderbehuizing opent.
Houd de module goed gesloten tijdens het gebruik.
Probeer nooit een aansluitdoos/behuizing te openen of de sensor te monteren/vervangen in
potentieel gevaarlijke atmosferen.
Wees voorzichtig bij het behandelen van sensors. Deze kunnen immers corrosieve
oplossingen bevatten.
Probeer de sensor nooit te saboteren of te demonteren.
Stel het apparaat niet bloot aan temperaturen buiten het geadviseerde bereik.
Stel sensors niet bloot aan organische oplosmiddelen of brandbare vloeistoffen.
Als elektrochemische sensors voor zuurstof- en toxisch gas zijn opgebruikt, moeten deze op
een milieuvriendelijke wijze worden verwijderd. Dit moet gebeuren conform de plaatselijke
bepalingen voor afvalverwerking en de milieuwetgeving.
Oud vervangbare sensors mogen ook worden geretourneerd naar Honeywell Analytics.
Verpak deze goed en markeer deze duidelijk voor milieuvriendelijke afvalverwerking.
Elektrochemische sensoren mogen NIET worden verbrand, omdat daarbij schadelijke dampen
kunnen vrijkomen.
Honeywell Analytics adviseert de gasdetectoren iedere zes maanden of volgens de
gebruiken ter plaatse te testen en opnieuw te ijken. Als externe sensoren voor brandbaar
of toxisch gas worden gebruikt met de XCD-transmitter, vindt u de specifieke geadviseerde
kalibratieperiodes in de desbetreffende sensorhandleidingen. Als een sensor voor toxisch
gas blootgesteld wordt aan een gasconcentratie die een stuk hoger is dan het meetbereik,
moet de sensor zo spoedig mogelijk daarna weer gekalibreerd worden.
11.1 Gebruiksduur
De pellistors die worden gebruikt in de katalytische sensor voor brandbare gassen kunnen minder
gevoelig worden als ze worden blootgesteld aan vergif of inhibitoren, zoals silicone, sulfiden,
chloor, lood of halogeenkoolwaterstoffen. De pellistors zijn gifbestendig opdat de katalytische
sensor voor brandbare gassen zo lang mogelijk meegaat. De typische gebruiksduur bedraagt -
afhankelijk van de aanwezigheid van vergif/inhibitoren - 36 maanden.
De NDIR (infrarood) sensor voor brandbare gassen wordt niet beïnvloed door het hierboven
vermelde vergif en heeft dus een langere gebruiksduur. De typische gebruiksduur bedraagt
5 jaar.
De levensduur van een sensor voor giftig gas is afhankelijk van de toepassing, de frequentie
en de omvang van de gasblootstelling. In normale omstandigheden (3-maandelijkse visuele
controle en 6-maandelijkse test/herijking) hebben de XCD zuurstof- en andere toxische
sensoren een verwachte gebruiksduur van minstens 24 aanden.
36