10.4.2
Melding helderheidswaarde
Opties:
Met de parameter wordt vastgelegd of het extra object voor de terugmelding van de
helderheidswaarde voor alle uitgangen wordt geactiveerd.
Als een externe display aangesloten is, kan de terugmelding gebruikt worden om de
helderheidswaarde op het display weer te geven. De uitgangen worden individueel
weergegeven.
10.4.3
Minimale wijziging van de helderheidswaarde voordat deze wordt verzonden
Opties:
Met de parameter wordt ingesteld hoe vaak de helderheidswaarde naar de bus wordt
verzonden. De helderheidswaarde wordt om de X-waarden verzonden en bij het bereiken van
'Min/Max Set Value' en bij het bereiken van de gewenste waarde.
Om de bus bij een keurkringverloop/-sequentie niet te sterk te belasten kies u een hoge
waarde.
Voorbeelden
1 %
2 %
5 %
25 %
Tab.5:
Waarde bij het verzenden van de helderheid
Opmerking
De parameter is alleen instelbaar als de parameter 'Melding helderheidswaarde'
op 'Ja' is ingesteld.
10.4.4
Fout-terugmelding activeren
Opties:
Met de parameter kan de melding van fouten (overtemperatuur en overbelasting) aan de KNX-
bus worden geactiveerd.
10.4.5
Opslaan van actuele status na 5 min
Opties:
Met de parameter wordt vastgelegd of het apparaat na een spanningsuitval naar de laatste
geldige status (ON/OFF/SEQUENTIE/COLOR CYCLE) springt.
De laatste geldige status moet minimaal 5 minuten op het apparaat liggen.
KNX Technisch Handboek 2CKA002273B9108
Applicatie-/parameterbeschrijvingen
Ja
Nee
Instelmogelijkheid van 1 .. 25 %
Iedere waarde wordt verzonden
Iedere 5e waarde wordt verzonden
Iedere 13e waarde wordt verzonden
Ongeveer iedere 64e waarde wordt verzonden
Ja
Nee
Nee
Ja
Applicatie 'Statusparameters'
│25