Onderhoud
10.2
Schakelpunten controleren
Voorwaarde voor het controleren van de schakelpunten zijn de volgende juiste instellingen:
•
Minimale werkdruk P
, zie hoofdstuk 7.2 "Minimale werkdruk P
0
•
Niveaumeting op het basisvat.
Voorbereiding
1. Wissel naar de automatische modus.
2.
Sluit de kapventielen voor de vaten.
3.
Noteer het vulpeil dat weergegeven is op het display (in %).
4.
Water uit de vaten aftappen.
Inschakeldruk controleren
5.
Controleer de inschakeldruk en uitschakeldruk van compressor "CO".
–
De compressor wordt ingeschakeld bij P
–
De compressor wordt uitgeschakeld bij P
Bijvulling "AAN" controleren
6.
Zo nodig de waarde controleren die op het display van de besturing wordt weergegeven voor de bijvulling.
–
De automatische bijvulling wordt ingeschakeld bij een weergegeven vulpeil van 8 %.
Watertekort "AAN" controleren
7.
Schakel de bijvulling uit en tap water af uit de vaten.
8.
Controleer de waarde die voor de vulpeilmelding "Watertekort" wordt weergegeven.
–
Watertekort "AAN" wordt weergegeven op het display van de besturing bij een minimaal vulpeil van 5 %.
9. Wissel naar de stopmodus.
10. Schakel de hoofdschakelaar uit.
Vaten schoonmaken
Zo nodig, condensaat verwijderen uit de vaten, zie hoofdstuk 10.3.1 "Vaten schoonmaken" op pagina 50.
48 — Nederlands
voor besturing bepalen" op pagina 33.
0
+ 0,3 bar.
0
+ 0,4 bar.
0
Reflexomat met Basic-besturing — 20.06.2017 - Rev. C