1. Ken uw apparaat
Open de achterkaft voor het volgende:
De letters op de achterkaft corresponderen met de letters op deze pagina.
Meter
Weergave
A
Lampje voor (on)juist aangebrachte manchet
B
Geheugenknop
C
Knop voor weekgemiddelde
D
Knop START/STOP
E
Knoppen omhoog/omlaag
F
Schakelaar gebruikerskeuze
G
Verbindingsknop
H
Bloeddrukindicator
I
Luchtslangaansluiting
J
Batterijvak
K
Netadapteraansluiting
L
Armmanchet
Armmanchet
M
Plug van de luchtslang
N
Luchtslang
O
Weergave
Geheugensymbool
P
Gebruikerssymbool
Q
(kleur)
(voor de optionele netadapter)
(armomtrek 22-42 cm)
Symbool gemiddelde waarde
R
Systolische bloeddruk
S
Diastolische bloeddruk
T
Verbindingssymbool
U
Symbool DATA/FULL
V
OK-symbool
W
Hartslagsymbool
X
(knippert tijdens de meting)
Datum/tijd
Y
Symbool ochtendgemiddelde
Z
Symbool avondgemiddelde
AA
Symbool ochtendhypertensie
AB
Symbool bewegingsfout
AC
Symbool onregelmatige hartslag
AD
Bloeddrukindicator
AE
Symbool voor (on)juist
AF
aangebrachte manchet
Batterijsymbool
AG
Ontluchtingssymbool
AH
Hartslag/Geheugennummer
AI
(balkweergave)
(bijna leeg/leeg)
NL
235