Ruimtecontroller-module
Bij gebruik van de tastsensor-uitbreidingsmodule (zie afbeelding 3): montage bij
voorkeur verticaal. Grote draagring (13) gebruiken. Bij montage op slechts één appa-
ratuurdoos de onderste schroeven in de wand verzinken , bijv. met boring ø 6
x10 mm. Draagring als sjabloon gebruiken.
GEVAAR!
Bij montage met 230 V-apparaten onder een gezamenlijke afdekking, bijv. contactdo-
zen, bestaat bij storing kans op elektrische schokken!
Elektrische schokken kunnen dodelijk letsel tot gevolg hebben.
Geen 230 V-apparaten in combinatie met een tastsensor-uitbreidingsmodule onder
een gemeenschappelijke afdekking installeren!
■
Draagring (5) resp. (13) op de juiste plaats op een apparatuurdoos monteren.
Let op markering TOP = = boven; markering A of B voor. Gebruik uitsluitend
de meegeleverde doosschroeven (12).
■
Frame (6) op de draagring steken.
■
Tastsensor-uitbreidingsmodule (14) bij voorkeur eronder monteren. Aansluit-
leiding (16) tussen draagring en tussenstek leiden.
■
Tastsensor-uitbreidingsmodule: aansluitleiding (16) op de juiste plaats in de
opening (15) in de regelaarmodule steken. Aansluitleiding niet afknellen
(zie afbeelding 3).
■
Regelaarmodule (8) met KNX-aansluitklem (11) op de KNX aansluiten en op
de draagring steken.
■
Regelaarmodule (8) en Tastsensor-uitbreidingsmodule (12) met meegeleverde
kunststofschroeven (8) aan de draagring bevestigen. De kunststofschroeven
slechts lichtjes aandraaien.
■
Vóór de montage van de bedieningsknoppen (10) het fysieke adres in het ap-
paraat laden (zie hoofstuk 5.2. inbedrijfname).
32408603
j0082408603
8 / 13
08.11.2023