Inbedrijfname (via het bedieningsmenu)
10.5
Configuratie van een niveaumeting
28
Configuratieparameters voor niveaumeting in stortgoederen
LN = sondelengte
D = Afstand
L = Niveau
1.
Setup → Instrument-tag
Voer de identificatie voor het meetpunt in.
2.
Setup → Afstandseenheid
Kies afstandseenheid.
3.
Setup → Tank materiaal
Kies tankeigenschap.
4.
Setup → Leeginregeling
Voer de afstand E in tussen het referentiepunt R en het minimum niveau (0%).
5.
Setup → Inregeling vol
Voer de afstand E in tussen het minimum (0%) en maximum (100%) niveau.
6.
Setup → Niveau
Toont het gemeten niveau L.
60
R
D
LN
L
R = referentiepunt van de meting
E = Leeginregeling (= nulpunt)
F = Inregeling vol (= meetgebied)
Levelflex FMP56, FMP57 HART
20 mA
100%
E
F
4 mA
0%
A0012838
Endress+Hauser