9.2.2 Grafische weergave
In de grafische weergave van de resultaten zijn de volgende opties beschikbaar (zie figuur):
Standaard worden alle metingen (penetraties) van de plot weergegeven. Met een klik op een gekleurd vierkant-
je naast de grafiek kan een bepaalde meting in de grafiek weggelaten en weer geselecteerd worden.
Met de knoppen Vorige of Volgende rechtsonder in beeld of onder Plot in de menubalk kunnen de resultaten
van de vorige of volgende plot van het project weergegeven worden.
Met de knop Gemiddelde wordt voor de plot de gemiddelde meetwaarde weergegeven van de geselecteerde
metingen.
Indien er dus slechts drie van de tien metingen zijn geselecteerd (de rest is uit gezet door op de gekleurde vier-
kantjes te klikken), wordt van die drie metingen het gemiddelde bepaald. Dit is handig om verstorende metin-
gen uit te sluiten. Indien het gemiddelde uit tenminste twee metingen bepaald is, wordt op elke 10 cm diepte
tevens een standaarddeviatie weergegeven.
Door nogmaals op Gemiddelde te klikken, worden alle afzonderlijke lijnen weer getoond.
De lijnstijl kan gekozen worden bij Lijn stijl onder Plot in de menubalk. Selecteer Lijn, Punten of Dikke lijn.
Het raster in de grafiek kan uit- of aangezet worden door het aan te vinken bij Raster onder Plot in de menu-
balk.
De horizontale meetlijn in het grafiekgebied kan met muis de omhoog of omlaag verplaatst worden door te sle-
pen of ergens te klikken (gebruik eventueel de cursortoetsen van het toetsenbord).
Naast het grafiekgebied staat onder "DIEPTE" de diepte (cm) weergegeven die hoort bij de diepte zoals aange-
geven door de meetlijn. Onder "DRUK" staat voor alle metingen van de plot de kleur en de numerieke waarde
(MPa), behorende bij de diepte die aangegeven is door de meetlijn.
Boven het grafiekgebied staat onder Cone index de CI waarde van betreffende meting, onder GPS Coor.
staan de betreffende GPS coordinaten en onder Bodemvocht staat het bodemvochtpercentage.
21